Vlaamse Decreet van 25 mei 2007 houdende de harmonisering van de procedures van voorkooprechten

Belgisch Staatsblad, 24 juli 2007

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Art. 1
   Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.

Art. 2
   Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder:
    1° voorkooprecht: recht om een perceel dat te koop wordt aangeboden, voor dezelfde prijs en onder dezelfde modaliteiten, bij voorrang op de kandidaat-koper aan te kopen;
    2° Vlaams voorkooprecht: voorkooprecht dat bij of in uitvoering van een wet of decreet is toegekend, met uitzondering van een op 30 juli 1993 bestaand recht van voorkoop dat bij of in uitvoering van een wet is toegekend;
    3° verkoop: de overeenkomst waarbij de eigenaar van een onroerend goed, de volle of de blote eigendom, geheel of gedeeltelijk aan een koper overdraagt, die zich ertoe verbindt hiervoor een prijs te betalen;
    4° perceel: binnen een afgebakend gebied identificeerbaar bebouwd of onbebouwd onroerend goed dat toebehoort aan één eigenaar, dan wel aan verscheidene eigenaars in enige vorm van onverdeeldheid;
    5° identificatie: lokalisatie van een uniek gecodeerd perceel binnen een afgebakend gebied;
    6° afbakening: aanwijzing van een ruimtelijk gebied binnen hetwelk een Vlaams voorkooprecht is toegekend, door:
    a) afbakening bij of in uitvoering van een decreet van de zone, het gebied, de perimeter, het project of elke andere ruimte waarbinnen het perceel gelegen is;
    b) opname in, een uitvoering van een decreet, een lijst, een inventaris, een register of ieder ander bestand waarin de percelen zijn opgenomen;
    c) een decretale bepaling, die vaststelt onder welke modaliteiten aan een onroerend goed een Vlaams voorkooprecht wordt toegekend;
    7° e-voorkooploket: uniek elektronisch loket met betrekking tot alle bestaande en toekomstige Vlaamse voorkooprechten;
    8° geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten”: bestand dat geselecteerde geografische informatie bevat over de Vlaamse voorkooprechten en dat wordt ontwikkeld, aangemaakt, beheerd, bijgehouden en bekendgemaakt wordt door het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen;
    9° bekendmaking: digitaal openbaar maken door het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen van de informatie die opgenomen is in het geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten”;
    10° begunstigde: rechtspersoon aan wie bij of in uitvoering van een decreet een voorkooprecht is toegekend of zijn gemachtigde;
    11° ruimtelijk geheel: twee of meer kadastrale percelen of delen van kadastrale percelen, die samen een gemeenschappelijke grens hebben;
    12° agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen: agentschap opgericht bij decreet van 7 mei 2004 houdende de oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap “Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen”;
    13° Vlaamse Grondenbank: afdeling van de Vlaamse Landmaatschappij opgericht bij decreet van 16 juni 2006 betreffende de oprichting van de Vlaamse Grondenbank en houdende wijziging van diverse bepalingen.




Hoofdstuk II. Taakverdeling Grondenbank en AGIV

Art. 3
   Het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen wordt belast met de ontwikkeling, het aanmaken, het bijhouden en het bekendmaking van het Geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten” ten behoeve van de werking van het e-voorkooploket.
   De toegang tot de informatie opgenomen in het Geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten” is gratis.
   De Vlaamse Grondenbank wordt belast met het ontwikkelen, beheren en openstellen van een e-voorkooploket.



Hoofdstuk III. E-voorkooploket

Art. 4

§ 1.
   Het e-voorkooploket vervult de volgende taken:
    1° het ontvangen en doorgeven aan de begunstigden van het aanbod tot uitoefening van een Vlaams voorkooprecht bij een onderhandse verkoop en van de melding van een openbare verkoop waarop een Vlaams voorkooprecht van toepassing is;
    2° het ontvangen en doorgeven van de beslissing tot uitoefening van een Vlaams voorkooprecht door de begunstigde;
    3° het ontvangen en doorgeven van berichten betreffende de verkoop van percelen waarvoor een aangeboden Vlaams voorkooprecht niet werd uitgeoefend.

§ 2.
   Deze taken vervult het e-voorkooploket voor elk, reeds ingevoerd of nog in te voeren, Vlaams voorkooprecht.



Hoofdstuk IV. Geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten'

Art. 5

§ 1.
   Iedere begunstigde meldt het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen de Vlaamse voorkooprechten die hem zijn toegekend.
   Voor de voorkooprechten, vermeld in artikel 85 van het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode geldt de volgende regeling:
    1° voor de voorkooprechten vermeld in artikel 85, § 1, eerste lid, moet elke begunstigde zelf de melding doen aan het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen;
    2° voor de voorkooprechten vermeld in artikel 85, § 1, tweede lid, 1° en 2°, volstaat de melding door de administratieve eenheid die met de afbakening belast is;
    3° voor de voorkooprechten vermeld in artikel 85, § 1, tweede lid, 3°, volstaat de melding door de Vlaamse Regering of zijn gemachtigde.

§ 2.
   Deze melding gebeurt digitaal en bevat:
    1° de aanwijzing van de begunstigden;
    2° de afbakening van het ruimtelijk gebied waarin het voorkooprecht is toegekend;
    3° de wet of het decreet bij of krachtens hetwelk het voorkooprecht is toegekend.

§ 3.
   Elke begunstigde staat op eigen kosten in voor de melding, vermeld in §§ 1 en 2. De melding gebeurt op basis van bestanden en volgens specificaties aangegeven door het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen.

§ 4.
   Elke begunstigde blijft aansprakelijk voor de meldingen, vermeld in § 2. Het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen is aansprakelijk voor de verwerking van de meldingen.


Art. 6
   Het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen verwerkt de ontvangen informatie en neemt ze op in het geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten”.
   Het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen identificeert elk perceel dat in het geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten” wordt opgenomen volgens de kadastrale gegevens, en de geografische ligging, bij gebrek aan kadastrale gegevens, volgens een unieke identificatiecode en de geografische ligging.
   Een perceel dat voor de helft of meer in een afgebakend gebied is gelegen, wordt voor het geheel in het geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten” opgenomen. Is het voor minder dan de helft daarin gelegen, dan wordt het niet opgenomen.
   Voor elk geïdentificeerd perceel wordt aangegeven welke Vlaams voorkooprecht hierop is toegekend en wie daarvan de begunstigde is.


Art. 7
   Het geografisch themabestand “Vlaamse voorkooprechten” wordt bekend gemaakt door het Agentschap voor Geografische Informatie Vlaanderen.



Hoofdstuk V. Regels betreffende de Vlaamse voorkooprechten

Art. 8
   Onverminderd de specifieke bepalingen, bepaald in de decreten die een Vlaams voorkooprecht invoeren, gelden de voorkooprechten niet:
    1° in geval van verkoop aan:
    a) de echtgenoot, de afstammelingen of geadopteerde kinderen van de eigenaar;
    b) de afstammelingen of geadopteerde kinderen van de echtgenoot van de eigenaar;
    c) de mede-eigenaar, ongeacht of de onverdeeldheid ophoudt of niet;
    d) de echtgenoot, de afstammelingen of geadopteerde kinderen van de mede-eigenaar;
    e) de afstammelingen of geadopteerde kinderen van de echtgenoot van de mede-eigenaar;
    f) de echtgenoten van voormelde afstammelingen of geadopteerde kinderen.

Voor de toepassing van 1° worden onder echtgenoot van de eigenaar, mede-eigenaar, afstammeling of geadopteerd kind, eveneens begrepen, de persoon die met de eigenaar, mede-eigenaar, afstammeling of geadopteerd kind wettelijk samenwoont of er ten minste één jaar ononderbroken mee samenwoont en er een gemeenschappelijke huishouding mee voert;
    2° wanneer de pachter zijn recht van voorkoop overeenkomstig de pachtwet uitoefent;
    3° in geval van verkoop aan de huidige pachter op voorwaarde dat deze kan bewijzen dat hij reeds minstens één kalenderjaar pachter is, te rekenen tot de datum waarop de definitieve verkoopsovereenkomst vaste datum heeft verkregen.



Art. 9
   Een Vlaams voorkooprecht is op het te verkopen onroerend goed van toepassing, ook wanneer dit slechts een deel is van het perceel waarop het Vlaams voorkooprecht is toegekend.
   Wanneer het perceel waarop een Vlaams voorkooprecht is toegekend, slechts een deel is van het te koop gestelde onroerend goed, moet de instrumenterende ambtenaar voor dat deel een afzonderlijk aanbod doen.
   Van het bepaalde in het tweede lid kan worden afgeweken indien het te verkopen onroerend goed, waarvan slechts een deel aan een Vlaams voorkooprecht is onderworpen, een ruimtelijk geheel vormt dat verkoper en koper niet willen splitsen, in dat geval wordt het geheel door middel van het e-voorkooploket aangeboden, voor één prijs. De begunstigde die het recht van voorkoop wil uitoefenen, oefent het Vlaams voorkooprecht dan op het geheel uit.


Art. 10
   Vlaamse voorkooprechten hebben uitwerking vanaf de eerste kalenderdag die volgt op de bekendmaking ervan. Ze moeten niet aangeboden worden indien de verkoopsovereenkomst eerder tot stand kwam.


Art. 11
   Een perceel waarop een Vlaams voorkooprecht is toegekend en bekendgemaakt, kan slechts worden verkocht nadat aan de begunstigden van het voorkooprecht de gelegenheid is gegeven om hun voorkooprecht uit te oefenen.
   Het e-voorkooploket is het unieke instrument waarmee volgens de hierna beschreven procedure:
    1° elk, reeds ingevoerd of nog in te voeren, Vlaams voorkooprecht, ingeval van verkoop uit de hand, wordt aangeboden en uitgeoefend;
    2° elke openbare verkoop waarop een reeds ingevoerd of nog in te voeren, Vlaams voorkooprecht van toepassing is, wordt gemeld.

   Alle kennisgevingen met betrekking tot Vlaamse voorkooprechten door middel van het e-voorkooploket gebeuren langs elektronische weg en worden bevestigd door een elektronische handtekening of een gekwalificeerd certificaat.
   De datum van de kennisgeving is de datum waarop het e-voorkooploket de aanbieding van het Vlaams voorkooprecht ontvangt.


Art. 12

§ 1.
   Bij verkoop uit de hand biedt de instrumenterende ambtenaar het Vlaams voorkooprecht bij het e-voorkooploket aan. Eén aanbod is voldoende, ongeacht het aantal begunstigden op dit perceel.

§ 2.
   Het aanbod vermeldt:
    1° de identificatie van het perceel;
    2° de prijs die de koper moet betalen;
    3° of er andere verbintenissen zijn waartoe de koper en verkoper zich verbonden hebben;
    4° indien het perceel verpacht is, of de kandidaatkoper de pachter is of een derde, aan wie de pachter zijn voorkooprecht heeft overgedragen;
    5° de naam en het adres van de instrumenterende ambtenaar.

§ 3.
   De aanbieding van het Vlaams voorkooprecht bij het e-voorkooploket geldt als aanbod van verkoop.

§ 4.
   Het e-voorkooploket bevestigt de ontvangst van het aanbod aan de instrumenterende ambtenaar.


Art. 13
   Het e-voorkooploket bezorgt het aanbod aan de begunstigden. Indien de begunstigden het aanbod aanvaarden brengen zij het e-voorkooploket binnen een termijn van zestig dagen na de datum van het aanbod op de hoogte. Als het om een perceel gaat waarover de pachter het recht van voorkoop werd aangeboden, dan beschikt de begunstigde over een termijn van dertig dagen, die ingaat zodra de termijn voor uitoefening van zijn recht van voorkoop voor de pachter verstreken is. Het e-voorkooploket registreert de identiteit van de begunstigde en het tijdstip waarop het bericht van aanvaarding hem bereikt.
   Iedere begunstigde kan, in geval van verkoop uit de hand binnen de termijn van zestig of dertig dagen, de instrumenterende ambtenaar verzoeken om bijkomende informatie of om mededeling van de inhoud van de verkoopovereenkomst of ontwerp van authentieke akte waarbij enkel de identiteit van de koper opengelaten wordt. De instrumenterende ambtenaar bezorgt deze informatie of deze inhoud binnen vijf werkdagen na ontvangst van het verzoek, hetzij digitaal, hetzij op papieren drager.
   Het e-voorkooploket registreert de identiteit van de begunstigde die het voorkooprecht uitoefent en brengt de instrumenterende ambtenaar onmiddellijk op de hoogte van het bericht van aanvaarding. Het e-voorkooploket registreert het tijdstip waarop de kennisgeving aan de instrumenterende ambtenaar verstuurd wordt. Dit is het tijdstip van aanvaarding.
   De verkoop aan de begunstigde is voltrokken zodra de kennisgeving van aanvaarding naar de instrumenterende ambtenaar is verzonden. De koper moet de prijs betalen en alle voorwaarden en modaliteiten naleven waartoe de kandidaat koper zich verbonden had, zoals opgenomen in de nagezonden informatie, medegedeelde verkoopsovereenkomst of ontwerp van authentieke akte.
   Indien meerdere begunstigden het aanbod aanvaarden, en indien zij onder elkaar geen overeenstemming bereiken, beslist de Vlaamse Regering op verzoek van de meest gerede partij aan welke geïnteresseerde begunstigde het goed wordt verkocht. De Vlaamse Regering beslist in functie van het belang van elke begunstigde bij de uitoefening van het voorkooprecht.
   Een begunstigde kan, in geval van verkoop uit de hand, de instrumenterende ambtenaar het e-voorkooploket melden dat hij afziet van uitoefening van het voorkooprecht waarvan het aanbod hem door het e-voorkooploket is bezorgd. Deze verzaking is onherroepelijk.


Art. 14

§ 1.
   Bij openbare verkoop licht de instrumenterende ambtenaar het e-voorkooploket minstens dertig dagen voor de zitdag in.

§ 2.
   De instrumenterende ambtenaar meldt de volgende gegevens:
    1° de identificatie van het perceel;
    2° de plaats, dag en uur van de openbare verkoop;
    3° de naam en het adres van de instrumenterende ambtenaar.

§ 3.
   Deze kennisgeving wordt aan de begunstigden bezorgd door het e-voorkooploket.

§ 4.
   Iedere begunstigde kan, voorafgaandelijk aan de openbare verkoop, de instrumenterende ambtenaar verzoeken om bijkomende informatie of om mededeling van de inhoud van het lastencohier. De instrumenterende ambtenaar bezorgt deze informatie of deze inhoud binnen vijf werkdagen na ontvangst van het verzoek, hetzij digitaal, hetzij op papieren drager.

§ 5.
   Indien de verkoop wordt gehouden zonder voorbehoud van uitoefening van het recht van hoger bod, vraagt de instrumenterende ambtenaar bij het einde van de opbieding en vóór de toewijzing, in het openbaar, aan de pachter of hij zijn recht van voorkoop wenst uit te oefenen tegen de laatst geboden prijs. Bij weigering of afwezigheid of stilzwijgen van de pachter, moet de instrumenterende ambtenaar voor de toewijzing, in het openbaar, dezelfde vraag stellen aan de aanwezige begunstigden. Bij instemming van de begunstigde is de verkoop definitief.
   Bij weigering, afwezigheid of stilzwijgen van alle begunstigden wordt de verkoop voortgezet.
   Indien de pachter, overeenkomstig de pachtwet, verklaard heeft zijn antwoord op de vraag van de instrumenterende ambtenaar in beraad te houden, vraagt de instrumenterende ambtenaar aan de begunstigde van het recht van voorkoop of hij zijn recht van voorkoop uitoefent in geval de pachter zijn recht van voorkoop niet uitoefent. De toewijzing gebeurt dan onder de opschortende voorwaarde van niet uitoefening van het recht van voorkoop door de pachter.

§ 6.
   Indien de verkoop wordt gehouden onder voorbehoud van uitoefening van het recht van hoger bod, vraagt de instrumenterende ambtenaar op dat ogenblik nog niet of de begunstigden het voorkooprecht uitoefenen.
   Als er een hoger bod wordt gedaan, meldt de instrumenterende ambtenaar dit aan het e-voorkooploket overeenkomstig § 2. Deze informatie wordt bezorgd, door het e-voorkooploket, aan de begunstigden. Bij de verdere verkoopsverrichtingen handelt de instrumenterende ambtenaar overeenkomstig § 5.
   Als er geen hoger bod wordt gedaan, of indien de instrumenterende ambtenaar het hoger bod niet aanvaardt, meldt hij dit aan het e-voorkooploket binnen vijftien dagen na het verstrijken van de termijn voor hoger bod. Door middel van het e-voorkooploket wordt het aanbod aan de begunstigden bezorgd. Indien de begunstigden het voorkooprecht uitoefenen melden zij dit door middel van het e-voorkooploket binnen een termijn van vijftien dagen, te rekenen vanaf de kennisgeving door de instrumenterende ambtenaar.
   Het e-voorkooploket registreert de identiteit van de begunstigde die het voorkooprecht uitoefent en brengt de instrumenterende ambtenaar onmiddellijk op de hoogte van het bericht van aanvaarding. Het e-voorkooploket registreert het tijdstip waarop de kennisgeving aan de instrumenterende ambtenaar verstuurd wordt. Dit is het tijdstip van aanvaarding.
   De verkoop aan de begunstigde is voltrokken zodra de kennisgeving van aanvaarding naar de instrumenterende ambtenaar is verzonden. De koper moet de prijs betalen en alle voorwaarden en modaliteiten naleven waartoe de kandidaat koper zich verbonden had, zoals opgenomen in de nagezonden informatie, medegedeelde verkoopsovereenkomst of ontwerp van authentieke akte.
   De toewijzing is definitief indien geen bericht van uitoefening door middel van het e-voorkooploket wordt bezorgd binnen de termijn van vijftien dagen, die loopt vanaf het tijdstip waarop de instrumenterende ambtenaar het aanbod aan het e-voorkooploket heeft bezorgd.

§ 7.
   Indien er meerdere geïnteresseerden zijn om het recht van voorkoop uit te oefenen, beslist de Vlaamse Regering, op verzoek van de meest gerede partij. De Vlaamse Regering beslist in functie van het belang van elke begunstigde bij de uitoefening van het voorkooprecht voor het betrokken perceel.


Art. 15

§ 1.
   Bij niet-uitoefening van het voorkooprecht, meldt de instrumenterende ambtenaar de verkoop aan het e-voorkooploket.
   De instrumenterende ambtenaar vermeldt daarbij de volgende gegevens:
    1° de identificatie van het perceel;
    2° de prijs die de koper betaald heeft;
    3° of er andere verbintenissen zijn waartoe de koper en verkoper zich verbonden hebben;
    4° de naam en het adres van de instrumenterende ambtenaar.

§ 2.
   Deze informatie wordt door het e-voorkooploket verzonden aan de begunstigden. Op hun verzoek ontvangen de begunstigden van de instrumenterende ambtenaar een afschrift van de verleden akte.


Art. 16

§ 1.
   In geval van miskenning van het voorkooprecht heeft de begunstigde het recht om in de plaats van de koper te worden gesteld, of om schadevergoeding te vorderen ten bedrage van 20 percent van de verkoopprijs.
   Zijn er twee of meer begunstigden, dan is enkel ontvankelijk, de eis ingesteld door de begunstigde die het voorkooprecht had uitgeoefend. Werd het voorkooprecht echter niet of niet geldig aangeboden, dan beslist de Vlaamse Regering, op vraag van de meest gerede partij, welke begunstigde de eis tot inde-plaatsstelling of schadevergoeding mag instellen. De Vlaamse Regering beslist in functie van het belang van elke begunstigde bij de uitoefening van het voorkooprecht voor het betrokken perceel.

§ 2.
   De vordering moet, op straffe van verval, worden ingesteld binnen een termijn van zes maanden vanaf de definitieve toewijzing, of, bij verkoop uit de hand, vanaf de kennisgeving van de verkoop door het e-voorkooploket, overeenkomstig artikel 14. Werd de verkoop niet ter kennis gebracht, dan verstrijkt de termijn één jaar nadat de akte is overgeschreven op het hypotheekkantoor.

§ 3.
   De vordering tot indeplaatsstelling moet gelijktijdig tegen de verkoper en de koper worden ingesteld. De eis is pas ontvankelijk na inschrijving op de kant van de overschrijving van de betwiste akte, en, in voorkomend geval, op de kant van de overschrijving van de laatst overgeschreven titel.
   De indeplaatsgestelde begunstigde betaalt aan de koper de prijs terug die deze heeft betaald. De verkoper is gehouden aan de koper de kosten van de akte te vergoeden. De indeplaatsgestelde is slechts gebonden aan de verplichtingen die voor de koper voortvloeien uit de authentieke akte van verkoop en tot de lasten waarin de koper heeft toegestemd, voor zover die lasten zijn ingeschreven of overgeschreven vóór de inschrijving van zijn eis.
   Als de rechter de vordering tot indeplaatsstelling inwilligt, geldt het vonnis als titel.
   Iedere uitspraak op een eis tot indeplaatsstelling wordt ingeschreven achter de inschrijving van de eis.

§ 4.
   De vordering tot schadevergoeding moet tegen de verkoper en de instrumenterende ambtenaar worden ingesteld. Zij kunnen hoofdelijk veroordeeld worden tot een schadevergoeding ten bedrage van 20 percent van de prijs.



Hoofdstuk VI. Wijzigingsbepalingen

Art. 17
   In artikel 56 van de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van wet, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006 wordt § 2 vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 18
   In artikel 76 van de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken, zoals gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 19
   Aan artikel 8 van de wet betreffende het beheer van het Linkerscheldeoevergebied ter hoogte van Antwerpen en houdende maatregelen voor het beheer en de exploitatie van de Haven van Antwerpen van 19 juni 1978, vervangen bij het decreet van 2 maart 1999 en gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, wordt een lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
   (...)


Art. 20
    Artikel 28bis van het decreet van 4 mei 1994 betreffende het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap Waterwegen en Zeekanaal, naamloze vennootschap van publiek recht zoals ingevoegd bij het decreet van 2 april 2004 en gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, wordt vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 21
   In artikel 85 van het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999, 24 maart 2006 en 16 juni 2006 worden de volgende wijzigingen aangebracht:
   (...)


Art. 22
    Artikel 86 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999, 24 maart 2006 en 16 juni 2006, wordt vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 23
   In artikel 89 van hetzelfde decreet worden de woorden “bedoeld in de artikelen 86 en 87” geschrapt.


Art. 24
   In artikel 37 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999, 19 juli 2002 en 16 juni 2006, wordt § 1 vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 25
   Aan artikel 37 van hetzelfde decreet, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999, 19 juli 2002 en 16 juni 2006, wordt een § 6 toegevoegd, die luidt als volgt:
   (...)


Art. 26
   Aan artikel 12 van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
   “Het decreet van 25 mei 2007 houdende de harmonisering van de procedures van voorkooprechten is van toepassing op dit recht van voorkoop.”.


Art. 27
   In artikel 63 van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening, gewijzigd bij de decreten van 21 november 2003 en van 16 juni 2006 wordt een tiende lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
   (...)


Art. 28
    Artikel 64 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 29
   Aan artikel 12, § 1, van het decreet van 13 december 2002 houdende de oprichting van de naamloze vennootschap van publiek recht Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
   (...)


Art. 30
   Aan artikel 12, § 1, van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, wordt tussen het derde en het vierde lid een nieuw lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
   (...)


Art. 31
   Aan artikel 10 van het decreet van 2 april 2004 betreffende de omzetting van de Dienst voor de Scheepvaart in het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap De Scheepvaart, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, wordt een § 6 toegevoegd, die luidt als volgt:
   (...)


Art. 32
   Aan artikel 2 van het decreet van 16 juni 2006 betreffende de oprichting van de Vlaamse Grondenbank en houdende wijziging van diverse bepalingen wordt een 8° toegevoegd, dat luidt als volgt:
   (...)


Art. 33
   In artikel 5, § 1, van hetzelfde decreet wordt een 4° toegevoegd:
   (...)


Art. 34
   In artikel 8 van hetzelfde decreet wordt § 2 vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 35
    Artikel 27 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
   (...)


Art. 36
    Artikel 38 van hetzelfde decreet wordt vervangen door wat volgt:
   (...)



Hoofdstuk VII. Opheffingsbepalingen

Art. 37
   In het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode worden de volgende bepalingen opgeheven:
    1° artikel 85, § 2, vervangen bij het decreet van 18 mei 1999;
    2° artikel 85, § 3;
    3° artikel 87, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999 en 16 juni 2006;
    4° artikel 88, gewijzigd bij het decreet van 18 mei 1999.



Art. 38
   In het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu worden de volgende bepalingen opgeheven:
    1° artikelen 37, §§ 2 en 3, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999 en van 16 juni 2006;
    2° artikelen 38 en 39, gewijzigd bij de decreten van 18 mei 1999 en van 16 juni 2006.



Art. 39
   In het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening worden de volgende bepalingen opgeheven:
    1° artikel 63, zevende lid, ingevoegd bij het decreet van 21 december 2003;
    2° artikel 65;
    3° artikel 67, gewijzigd bij de decreten van 26 april 2000 en 16 juni 2006;
    4° artikelen 66 en 68, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006.



Art. 40
   In artikel 12 van het decreet van 13 december 2002 houdende de oprichting van de naamloze vennootschap van publiek recht Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel, zoals gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006, worden §§ 2 tot en met 5 opgeheven.


Art. 41
   In het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid worden de volgende bepalingen opgeheven:
    1° artikel 12, § 3;
    2° artikel 12, § 4, en artikelen 13 tot en met 16, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006.



Art. 42
   In het decreet van 2 april 2004 betreffende de omzetting van de Dienst voor de Scheepvaart in het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap De Scheepvaart worden de volgende bepalingen opgeheven:
    1° artikel 10, § 2 tot en met § 4;
    2° artikelen 11 tot en met 14, gewijzigd bij het decreet van 16 juni 2006;
    3° artikelen 15 en 16.




Hoofdstuk VIII. Slotbepalingen

Art. 43
   De Vlaamse Regering bepaalt de datum waarop dit decreet in werking treedt.