Faillissementswet

HOOFDSTUK VI. - Vereffening van het faillissement.

Artikel 75 en volgende Belgisch Faillissementswet anno 2006:

§ 1. Vanaf de neerlegging van het eerste proces-verbaal van verificatie van de schuldvorderingen of vanaf elke latere datum, gaan de curators over tot de vereffening van het faillissement. De rechter-commissaris roept de gefailleerde op om hem te horen, in aanwezigheid van de curators, nopens de best mogelijke tegeldemaking van de activa. Er wordt hiervan een proces-verbaal opgesteld. De curators verkopen onder meer de onroerende goederen, koopwaren en roerende goederen, een en ander onder toezicht van de rechter-commissaris en met naleving van de artikelen 51 en 52, zonder dat het nodig is om de gefailleerde op te roepen. Zij kunnen de bij artikel 58 voorgeschreven dadingen aangaan over om het even welke aan de gefailleerde toekomende rechten, niettegenstaande elk verzet zijnerzijds.

§ 2. (opgeheven) § 3. De schuldeisers of de gefailleerde die menen dat hun rechten benadeeld worden door een voorgenomen verkoop van activa, kunnen in kort geding de aanstelling vragen van een curator ad hoc. De aldus aangestelde curator kan aan de rechtbank van koophandel vragen de verkoop te verbieden, in zoverre die verkoop kennelijk indruist tegen de belangen van de betrokkenen.

§ 4. Indien de curators zulks vorderen, kan de rechtbank in het kader van de vereffening van het faillissement de overdracht van een onderneming in werking bekrachtigen onder voorwaarden die partijen hebben bedongen en waarvan de naleving door de curators of, na sluiting van het faillissement, door elke belanghebbende kan worden vervolgd.

Art. 76. De rechter-commissaris kan te allen tijde een vergadering van schuldeisers of van sommigen onder hen bijeenroepen.

Vanaf het derde jaar na de verjaardag van het faillietverklarend vonnis kan de rechter-commissaris, op verzoek van een schuldeiser, onder zijn voorzitterschap een vergadering van de schuldeisers bijeenroepen waarop nopens de vereffening verslag wordt uitgebracht door de curators.

De rechter-commissaris roept de vergadering bijeen indien hiertoe wordt verzocht door schuldeisers die meer dan een derde van de schulden vertegenwoordigen. De rechter-commissaris beveelt de in het faillissement ingeschreven schuldeisers te verwittigen en bepaalt plaats, dag en uur van de vergadering. Die beschikking wordt ten minste een maand voor de datum van de vergadering in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt door toedoen van de griffier. De bekendmaking kan evenwel, met de toestemming van de rechter-commissaris, worden vervangen door een rondschrijven aan de ingeschreven schuldeisers. De gefailleerde wordt op die vergadering behoorlijk opgeroepen en kan er gehoord worden nopens de vereffening van de boedel. De vergaderde schuldeisers kunnen, bij gewone meerderheid, de curators ermede belasten te onderhandelen over een vaste prijs voor het geheel of een gedeelte van de rechten of de rechtsvorderingen die nog niet voldaan zijn, en ze te vervreemden.

Art. 77. De rechter-commissaris beveelt, indien daartoe aanleiding is, een uitdeling aan de schuldeisers en bepaalt tot welk bedrag. Elke betaling die wordt verricht op bevel of met de toestemming van de rechter-commissaris, heeft voor de curators kwijting tot gevolg.

Art. 78. Indien er schuldeisers zijn van wie de vorderingen binnen de voorgeschreven termijn aangegeven en bevestigd zijn, doch die aanleiding hebben gegeven tot geschillen die nog niet definitief zijn beslecht, heeft geen uitdeling plaats dan na reservering van het gedeelte dat overeenstemt met hun schuldvorderingen, zoals zij zijn aangegeven en bevestigd.

Art. 79. Wanneer de vereffening van het faillissement beėindigd is, worden de schuldeisers en de gefailleerde bijeengeroepen door de curators, op bevel van de rechter-commissaris gewezen na inzage van de rekeningen van de curators. De vereenvoudigde rekening van de curators, die het totale bedrag van het actief, de kosten en het ereloon van de curators, de boedelschulden en de verdeling tussen de verschillende categorieėn van schuldeisers vermeldt, wordt bij deze oproeping gevoegd.

Op die vergadering wordt de rekening besproken en afgesloten. De schuldeisers geven in voorkomend geval hun advies over de verschoonbaarheid van de gefailleerde natuurlijke persoon.

Het saldo van de rekening dient voor de laatste uitdeling. Indien er een overschot is, komt dit rechtens toe aan de gefailleerde.

Art. 80. Nadat de rechtbank in voorkomend geval de betwistingen betreffende de rekening heeft beslecht en de rekening zo nodig heeft verbeterd, beveelt zij, op verslag van de rechter-commissaris, nadat de gefailleerde, de personen die de verklaring bedoeld in artikel 72ter aflegden en de schuldeisers beoogd in artikel 63, tweede lid, behoorlijk zijn opgeroepen) met een gerechtsbrief die de tekst van dit artikel bevat, de sluiting van het faillissement. Binnen een maand na het vonnis dat de sluiting van het faillissement beveelt, zenden de curators een kopie van de verbeterde vereenvoudigde rekening samen met een overzicht van de bedragen die effectief werden uitgekeerd aan de verschillende schuldeisers, over aan de administratie van de BTW en de administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit.

De rechter-commissaris doet aan de rechtbank in raadkamer mededeling van de beraadslaging van de schuldeisers over de verschoonbaarheid van de gefailleerde en brengt verslag uit over de omstandigheden van het faillissement. De curator en de gefailleerde worden in raadkamer gehoord over de verschoonbaarheid en over de sluiting van het faillissement. Behalve in geval van gewichtige omstandigheden, met bijzondere redenen omkleed, spreekt de rechtbank de verschoonbaarheid uit van de ongelukkige gefailleerde die te goeder trouw handelt. De beslissing over de verschoonbaarheid is vatbaar voor derdenverzet bij wijze van een dagvaarding die de individuele schuldeisers binnen een maand te rekenen van de bekendmaking van het vonnis tot sluiting van het faillissement ervan aan de curator en aan de gefailleerde kunnen doen. Van het vonnis dat de sluiting van het faillissement gelast, wordt door toedoen van de griffier aan de gefailleerde kennis gegeven.

De gefailleerde, de personen die de verklaring bedoeld in artikel 72ter aflegden en de schuldeisers bedoeld in artikel 63, tweede lid, worden in de raadkamer gehoord over de bevrijding. Tenzij hij zijn onvermogen frauduleus organiseerde, bevrijdt de rechtbank geheel of gedeeltelijk elke natuurlijke persoon die zich kosteloos persoonlijk zeker stelde voor de gefailleerde, wanneer zij vaststelt dat diens verbintenis niet in verhouding met zijn inkomsten en met zijn patrimonium is.

Indien er meer dan 12 maanden zijn verlopen sedert de verklaring bedoeld in artikel 72ter, legt de persoon die deze verklaring aflegde bij de griffie van de rechtbank van koophandel een kopie neer van zijn meest recente aangifte in de personenbelasting, een bijgewerkte opgave van de activa en passiva die zijn patrimonium vormen en elk ander stuk dat van aard is om precies de staat weer te geven van zijn bestaansmiddelen en lasten.

De gefailleerde kan vanaf zes maanden na de datum van het vonnis van faillietverklaring de rechtbank verzoeken om uitspraak te doen over de verschoonbaarheid. Er wordt gehandeld zoals bepaald in het tweede lid. De schuldeisers bedoeld in artikel 63, tweede lid, en de personen die de verklaring bedoeld in artikel 72ter aflegden, kunnen vanaf zes maanden na de datum van het vonnis van faillietverklaring de rechtbank verzoeken om uitspraak te doen over de bevrijding van deze laatsten. Er wordt gehandeld zoals bepaald in het derde en vierde lid.

De rechtbank kan beslissen dat het vonnis waarbij de sluiting van het faillissement wordt bevolen, bij uittreksel wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. Het vonnis moet bekendgemaakt worden wanneer de rechtbank de gefailleerde verschoonbaar verklaart.

De sluiting van het faillissement maakt een einde aan de opdracht van de curators, behalve wat de uitvoering van de sluiting betreft, en houdt een algemene kwijting in.

Art. 81. De gefailleerde rechtspersoon kan niet verschoonbaar worden verklaard.

Art. 82. Indien de gefailleerde verschoonbaar wordt verklaard, kan hij niet meer vervolgd worden door zijn schuldeisers.

De echtgenoot van de gefailleerde die persoonlijk aansprakelijk is voor de schuld van deze laatste, wordt ingevolge de verschoonbaarheid bevrijd van die verplichting.

De verschoonbaarheid heeft noch gevolgen voor de onderhoudschulden, noch voor de schulden voortvloeiend uit de verplichting tot herstel van de schade verbonden aan het overlijden of aan de aantasting van de lichamelijke integriteit van een persoon waaraan de gefailleerde schuld heeft.

Art. 83. De beslissing tot sluiting van de verrichtingen van het faillissement van de rechtspersoon ontbindt deze en brengt de onmiddellijke sluiting van zijn vereffening mee. Artikel 185 van het Wetboek van vennootschappen is van toepassing. De beslissing wordt door toedoen van de griffier bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. Dat uittreksel vermeldt de naam, de voornaam en het adres van de personen die als vereffenaars worden beschouwd.

De Koning kan de procedure tot het in consignatie geven van later opgedoken activa vaststellen, alsmede de bestemming van deze activa bij nieuw opgedoken passiva. Hij kan tevens de bestemming van onverkochte activa die overblijven na de sluiting vaststellen.

 

2747.com / law / faillissementsrecht

contact

Publiekrecht Burgerlijk recht

 

Wetswijzigingen

Bovenstaande bepalingen kwamen tot stand na verschillende wetswijzigingen in 2002 en 2005.

In 1997 werden deze bepalingen ingevoerd.

 

2747.com / law / faillissementsrecht

contact

Publiekrecht Burgerlijk recht