Burgerlijk Wetboek

Boek III - Titel XII. - Kanscontracten

Art. 1964. Een kanscontract is een wederkerige overeenkomst, waarvan de gevolgen, met betrekking tot winst en verlies, hetzij voor alle partijen, hetzij voor een of meer van hen, van een onzekere gebeurtenis afhangen.
  Van dien aard zijn :
  Het verzekeringscontract,
  De bodemerij,
  Spel en weddenschap,
  Het contract van lijfrente.
  De eerste twee worden door het zeerecht geregeld.

Hoofdstuk I. - Spel en Weddenschap. (art. 1965 - 1967)

Hoofdstuk II.  - Contract van lijfrente (art. 1968 - 1983)

Hoofdstuk I. - Spel en Weddenschap.

Art. 1965. De wet staat geen rechtsvordering toe voor een speelschuld of voor de betaling van een weddenschap.

  Art. 1966. De spelen die geschikt zijn tot oefening in de wapenhandel, de wedlopen te voet of te paard, de wedrennen met wagens, het kaatsspel, en andere soortgelijke spelen waarmee behendigheid en geoefendheid van het lichaam zijn gemoeid, zijn van de vorige bepaling uitgezonderd.
  Evenwel kan de rechter de eis afwijzen, wanneer het bedrag hem buitensporig voorkomt.

  Art. 1967. In geen geval kan de verliezer terugeisen wat hij vrijwillig betaald heeft, tenzij er van de kant van de winner bedrog, list of oplichting heeft plaatsgehad.

Hoofdstuk II.  - Contract van lijfrente