Boek 3 : Titel XIV. - Borgtocht

Hoofdstuk IV. - Wettelijke borgtocht en gerechtelijke borgtocht

Art. 2040. Wanneeer iemand krachtens de wet of krachtens een veroordeling verplicht is een borg te stellen, moet de aangeboden borg voldoen aan de bij de artikelen 2018 en 2019 voorgeschreven vereisten.

  Art. 2041. Hij die geen borg kan vinden, is gerechtigd voldoende pand in de plaats te geven.

  Art. 2042. De gerechtelijke borg kan de uitwinning van de hoofdschuldenaar niet vorderen.

  Art. 2043. Hij die zich enkel voor een gerechtelijke borg heeft borg gesteld, kan de uitwinning van de hoofdschuldenaar noch van de borg vorderen.

Wetsgeschiedenis