Boek 1 : Titel II. - Akten van de burgerlijke stand

Hoofdstuk III. - Akten van aangifte en akten van huwelijk

Art. 63. § 1. Zij die een huwelijk willen aangaan, moeten daarvan onder voorlegging van de in artikel 64 bedoelde documenten, aangifte doen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar een van de aanstaande echtgenoten zijn inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister heeft op de datum van de opmaak van de akte van aangifte.
  Indien geen van de aanstaande echtgenoten een inschrijving heeft in een van de in het eerste lid bedoelde registers, of indien de actuele verblijfplaats van één van hen of beiden om gegronde redenen niet met deze inschrijving overeenstemt, kan de aangifte gebeuren bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de actuele verblijfplaats van een van de aanstaande echtgenoten.
  Voor Belgen die in het buitenland verblijven en die niet zijn ingeschreven in het bevolkingsregister van een Belgische gemeente, kan de aangifte gebeuren bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente van de laatste inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister van een van de aanstaande echtgenoten, of van de gemeente waar een bloedverwant tot en met de tweede graad van een van de aanstaande echtgenoten zijn inschrijving heeft op de datum van de opmaak van de akte, of van de geboorteplaats van een van de aanstaande echtgenoten. Bij ontstentenis hiervan kan de aangifte gebeuren bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van Brussel.
  § 2. De aangifte gebeurt door één der aanstaande echtgenoten of door beiden.
  De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt van deze aangifte een akte op.
  Zij wordt ingeschreven in een enkel register, dat genummerd en geparafeerd wordt zoals bedoeld in artikel 41, en dat op het einde van ieder jaar wordt neergelegd op de griffie van de rechtbank van eerste aanleg.
  § 3. Indien één van de aanstaande echtgenoten of beiden op de dag van de opmaak van de akte hun inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister of hun actuele verblijfplaats niet hebben binnen de gemeente, zendt de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt, onmiddellijk een afschrift van de akte aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente van inschrijving in een van deze registers of van de actuele verblijfplaats in België van deze aanstaande echtgenoot of echtgenoten.
  De ambtenaar van de burgerlijke stand die de in vorig lid bedoelde kennisgeving heeft ontvangen gaat na of er geen huwelijksbeletselen zijn. In voorkomend geval meldt hij dit binnen de tien dagen na de ontvangst van de kennisgeving aan de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte van aangifte heeft opgemaakt.
  § 4. Wanneer de belanghebbende partijen in gebreke blijven de in artikel 64 bedoelde documenten over te leggen, weigert de ambtenaar van de burgerlijke stand over te gaan tot de opmaak van de akte.
  De ambtenaar van de burgerlijke stand brengt zijn met redenen omklede beslissing zonder verwijl ter kennis van de belanghebbende partijen. Tezelfdertijd wordt een afschrift hiervan, samen met een kopie van alle nuttige documenten, overgemaakt aan de procureur des Konings van het gerechtelijk arrondissement waarin de weigering plaatsvond.
  Indien één van de aanstaande echtgenoten of beiden op de dag van de weigering van de opmaak van de akte hun inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister of hun actuele verblijfplaats niet hebben binnen de gemeente, zendt de ambtenaar van de burgerlijke stand die weigert de akte op te maken een kennisgeving hiervan aan de ambtenaar van de burgerlijke stand aan wie het in § 3 bedoelde afschrift van de akte van aangifte had moeten worden overgemaakt.
  Door de belanghebbende partijen kan tegen de weigering door de ambtenaar van de burgerlijke stand binnen de maand na de kennisgeving van zijn beslissing, beroep worden ingesteld bij de rechtbank van eerste aanleg.

  Art. 64. § 1. Bij de aangifte van het huwelijk worden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand voor ieder der aanstaande echtgenoten de volgende documenten voorgelegd :
  1° een voor eensluidend verklaard afschrift van de akte van geboorte;
  2° een bewijs van identiteit;
  3° een bewijs van nationaliteit;
  4° een bewijs van de ongehuwde staat of van de ontbinding of nietigverklaring van het laatste voor een Belgisch ambtenaar van de burgerlijke stand voltrokken huwelijk en in voorkomend geval een bewijs van de ontbinding of de nietigverklaring van de huwelijken gesloten voor een buitenlandse overheid, tenzij ze een voor een Belgisch ambtenaar van de burgerlijke stand voltrokken huwelijk voorafgaan;
  5° een bewijs van de inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen- of wachtregister en/of een bewijs van de actuele verblijfplaats evenals in voorkomend geval een bewijs van de gewone verblijfplaats in België sinds meer dan drie maanden;
  6° in voorkomend geval, een gelegaliseerd schriftelijk bewijs uitgaande van de bij de aangifte van het huwelijk afwezige aanstaande echtgenoot, waaruit diens instemming met de aangifte blijkt;
  7° ieder ander authentiek stuk waaruit blijkt dat in hoofde van de betrokkene is voldaan aan de door de wet gestelde voorwaarden om een huwelijk te mogen aangaan.
  § 2. Indien de overgelegde documenten in een vreemde taal zijn opgemaakt, kan de ambtenaar van de burgerlijke stand om een voor eensluidend verklaarde vertaling ervan verzoeken.
  § 3. Indien de aanstaande echtgenoot in België is geboren en voor zover het huwelijk in België wordt voltrokken, vraagt de ambtenaar van de burgerlijke stand het eensluidend verklaard afschrift van de akte van geboorte op aan de houder van het register.
  Hetzelfde geldt wanneer de akte van geboorte in België is overgeschreven en de ambtenaar van de burgerlijke stand de plaats van de overschrijving ervan kent.
  Eenzelfde regeling is onder dezelfde voorwaarden van toepassing op de andere akten van de burgerlijke stand die in België zijn opgemaakt of overgeschreven en waarvan, in voorkomend geval, de voorlegging wordt vereist.
  De aanstaande echtgenoot kan evenwel, om persoonlijke redenen, verkiezen om zelf het eensluidend verklaard afschrift van de akte voor te leggen.
  § 4. De aanstaande echtgenoot, indien deze op de datum van het verzoek tot opmaak van de akte van aangifte ingeschreven is in het bevolkings- of vreemdelingenregister en voor zover het huwelijk in België wordt voltrokken, wordt bovendien vrijgesteld van de voorlegging van het bewijs van nationaliteit, van ongehuwde staat en van inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister. De ambtenaar van de burgerlijke stand voegt een uittreksel uit het Rijksregister bij het dossier.
  Niettemin kan de ambtenaar van de burgerlijke stand, indien hij zich onvoldoende ingelicht acht, belanghebbende om de voorlegging van ieder ander bewijs tot staving van die gegevens verzoeken.


  Art. 66. De akten van verzet tegen het huwelijk worden op het origineel en op het afschrift ondertekend door hen die zich tegen het huwelijk verzetten, of door hun gemachtigden, voorzien van een bijzondere en authentieke volmacht; zij worden met het afschrift van de volmacht, betekend aan de persoon of aan de woonplaats van de partijen en aan de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte van aangifte heeft opgemaakt.
  De ambtenaar van de burgerlijke stand viseert het origineel.

  Art. 67. De ambtenaar van de burgerlijke stand maakt onverwijld in het register van de (aangiften) beknopt melding van elk verzet; eveneens maakt hij, op de kant van de inschrijving van zodanig verzet, melding van de vonnissen of van de akten van opheffing waarvan een uitgifte hem is ter hand gesteld.

  Art. 68. In geval van verzet mag de ambtenaar van de burgerlijke stand het huwelijk niet voltrekken vooraleer men hem de opheffing van het verzet heeft ter hand gesteld, op straffe van driehonderd frank geldboete en van vergoeding van alle schade.

  Art. 70. De echtgenoot die in de onmogelijkheid verkeert zich de akte van geboorte te verschaffen, kan deze vervangen door een akte van bekendheid, afgegeven door de vrederechter van zijn geboorteplaats of door die van zijn woonplaats.

  Art. 71. In de akte van bekendheid verklaren twee getuigen, van het mannelijke of vrouwelijke geslacht, bloedverwanten of geen bloedverwanten, de voornamen, de naam, het beroep en de woonplaats van de aanstaande echtgenoot, en die van zijn ouders, indien deze bekend zijn; de plaats en, zo mogelijk, het tijdstip van zijn geboorte en de redenen die beletten de akte ervan over te leggen. De getuigen tekenen met de vrederechter de akte van bekendheid en, indien er zijn die niet in staat zijn te tekenen of niet kunnen tekenen, wordt dit vermeld.

  Art. 72. De akte van bekendheid wordt vertoond aan de rechtbank van eerste aanleg van de plaats waar het huwelijk moet worden voltrokken. De rechtbank, de procureur des Konings gehoord, verleent of weigert haar homologatie naargelang zij oordeelt dat de verklaringen van de getuigen en de redenen die het overleggen van de akte van geboorte beletten, al dan niet voldoende zijn.

  Art. 72bis. Indien een van de aanstaande echtgenoten in de onmogelijkheid verkeert zich zodanige akte van bekendheid te verschaffen, kan die akte, met verlof van de rechtbank, op verzoekschrift verleend, het openbaar ministerie gehoord, vervangen worden door een beëdigde verklaring van de aanstaande echtgenoot zelf. Deze verklaring wordt in de akte van huwelijk vermeld.

  Art. 75.  Op de door de partijen aangewezen dag na verloop van de termijn zoals bedoeld in artikel 165, doet de ambtenaar van de burgerlijke stand in het gemeentehuis, in tegenwoordigheid van twee getuigen, bloedverwanten of geen bloedverwanten, aan de partijen voorlezing van de hierboven vermelde stukken betreffende hun staat en de formaliteiten van het huwelijk, alsook van hoofdstuk VI van de titel. Het huwelijk, betreffende de wederzijdse rechten en verplichtingen der echtgenoten. Hij ontvangt van elke partij, de ene na de andere, de verklaring dat zij elkaar willen aannemen tot echtgenoten; hij verklaart in naam van de wet dat zij door de echt verbonden zijn en maakt daarvan dadelijk een akte op.

  Art. 76. De akte van huwelijk vermeldt :
  1° De voornamen, de naam, de woonplaats en, indien zij bekend zijn, de datum en de plaats van geboorte van de echtgenoten;
  2° Of zij meerderjarig of minderjarig zijn;
  3° De voornamen, de naam en de woonplaats van de ouders;
  4° Voor de minderjarigen, het vonnis of arrest dat toestemming verleent tot het huwelijk;
  7° Het verzet, indien er een geweest is; de opheffing ervan, of de vermelding dat er geen verzet geweest is;
  8° De verklaring van de partijen dat zij elkaar aannemen tot echtgenoten en de uitspraak door de openbare ambtenaar dat zij door de echt verbonden zijn;
  9° De voornamen, de naam, de leeftijd en de woonplaats van de getuigen, alsook hun verklaring, of zij bloedverwant of aanverwant zijn van de partijen, van welke zijde en in welke graad;
  10° de datum van het huwelijkscontract, de naam en de standplaats van de notaris die het heeft opgemaakt en het huwelijksvermogensstelsel van de echtgenoten en, in internationale gevallen, de eventuele keuze door de echtgenoten gedaan van het nationaal recht dat op hun huwelijksvermogen van toepassing is); wanneer deze vermeldingen ontbreken, kunnen de van het wettelijk stelsel afwijkende bepalingen niet worden tegengeworpen aan derden die, onbekend met het huwelijkscontract, overeenkomsten met de echtgenoten hebben aangegaan.
  11° de door een echtgenoot ter gelegenheid van het huwelijk gekozen naam overeenkomstig het recht van de Staat waarvan hij de nationaliteit heeft.

Wetsgeschiedenis