Wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet. Titel I. - Het hypothecair krediet

Hoofdstuk II. - Algemene bepalingen

Art. 10. De interesten moeten berekend worden :

  - in geval van aflossing, op het verschuldigd blijvend saldo;

  - in geval van reconstitutie, op het kapitaal of, na een gedeeltelijke terugbetaling, op het nog terug te betalen kapitaal.

  In het geval van een kredietopening moeten de interesten berekend worden op het gedeelte van het kapitaal dat opgenomen is.

  Is verboden, het eisen of het doen betalen :

  a) van interesten vóór het verstrijken van de periode waarvoor zij berekend zijn;

  b) van interesten in gedeelten van de perioden waarvoor zij berekend zijn.

  Indien de interesten krachtens de vestigingsakte aan een derde moeten worden betaald, is deze betaling bevrijdend voor de kredietnemer tegenover de kredietgever.