Wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet. Titel I. - Het hypothecair krediet

Hoofdstuk II. - Algemene bepalingen

Art. 3.

Art. 4. In de zin van deze wet moet worden verstaan onder :

  1° " kapitaal " : de schuld in hoofdsom die het voorwerp uitmaakt van de kredietovereenkomst;

  2° " kredietopening " : elke kredietovereenkomst waarbij geld ter beschikking wordt gesteld van de kredietnemer die ervan gebruik kan maken door middel van geldopname of op een andere wijze;

  3° " verschuldigd blijvend saldo " : het bedrag in hoofdsom dat moet gestort worden om het kapitaal af te lossen, te reconstitueren of terug te betalen;

  (4° "rentevoet" : de voet, uitgedrukt in percent per periode waartegen de interesten voor dezelfde periode berekend worden : iedere vermindering of vermeerdering van de kredietkosten, om welke reden ook en die niet bedoeld is in hoofdstuk III van deze titel, moet in de rentevoet worden verrekend.) <W 1998-03-13/37, art. 2, 004; Inwerkingtreding : 01-09-1998>

  5° " vestigingsakte " : het geheel van de authentieke en onderhandse akten en elk document dat bepalingen bevat die eenzelfde krediet regelen.

Art. 5.