Belgisch Burgerlijk Wetboek : Boek 1 : Personen :  Titel X. - Minderjarigheid, voogdij en ontvoogding

Hoofdstuk III. - Ontvoogding

  Art. 485. Aan iedere ontvoogde minderjarige die er niet toe in staat blijkt zichzelf te leiden of wiens verbintenissen ingevolge het vorige artikel zijn verminderd, kan het voordeel van de ontvoogding ontnomen worden; de ontvoogding wordt ingetrokken met inachtneming van dezelfde vormen als bij het verlenen van de ontvoogding zijn nagekomen, de minderjarige gehoord of opgeroepen.
  De procureur des Konings kan eveneens de intrekking van de ontvoogding aanvragen.

Wetsgeschiedenis