divorce - contract

De actuele wettekst anno 2009:

Artikel 1287 Belgisch Gerechtelijk Wetboek:
 (De echtgenoten die besloten hebben tot echtscheiding door onderlinge toestemming over te gaan, moeten hun wederzijdse rechten waaromtrent het hun evenwel vrijstaat een vergelijk te treffen, vooraf regelen.
  Zij kunnen voraf een boedelbeschrijving doen opmaken overeenkomstig Hoofdstuk II - Boedelbeschrijving van Boek IV.
  In dezelfde akte moeten zij vaststellen wat zij zijn overeengekomen met betrekking tot de uitoefening van de rechten bedoeld in de artikelen 745bis en 915bis van het Burgerlijk Wetboek, voor het geval één van hen zou overlijden vóór het vonnis of het arrest waarbij de echtscheiding definitief wordt uitgesproken.) <W 1994-06-30/33, art. 26, 026; Inwerkingtreding : 1994-10-01>
  (Vierde lid opgeheven) <W 2007-04-27/00, art. 31, 3°, 087; Inwerkingtreding : 01-09-2007>
  (Een letterlijk uittreksel van de akte, waaruit het bestaan van die overeenkomsten blijkt, moet, voor zover zij betrekking heeft op onroerende goederen, overgeschreven worden op het hypotheekkantoor van het rechtsgebied, waarbinnen de goederen gelegen zijn, op de wijze en binnen de termijnen bepaald bij artikel 2 van de hypotheekwet van 16 december 1851, gewijzigd bij de wet van 10 oktober 1913). <W 1-7-1972, art. 1>

  Art. 1288. <W 1-7-1972, art. 2>
Zij zijn (...) ertoe gehouden hun overeenkomst omtrent de volgende punten bij geschrift vast te leggen: <W 1994-06-30/33, art. 27, 026; Inwerkingtreding : 1994-10-01>
  1° de verblijfplaats van elk van beide echtgenoten gedurende de proeftijd;
  2° (het gezag over de persoon en het beheer van de goederen van de kinderen en het recht op persoonlijk contact zoals bedoeld in artikel 374, vierde lid, van het Burgerlijk Wetboek) wat betreft (de minderjarige ongehuwde en niet ontvoogde kinderen waarvan beide echtgenoten de ouders zijn, de kinderen die zij hebben geadopteerd en de kinderen van een van hen die de andere heeft geadopteerd), zowel gedurende de proeftijd als na de echtscheiding; <W 1995-04-13/37, art. 17, 031; Inwerkingtreding : 03-06-1995> <W 2007-04-27/00, art. 32, 087; Inwerkingtreding : 01-09-2007>
  3° (de bijdrage van elk van beide echtgenoten in het levensonderhoud, de opvoeding en de passende opleiding van voornoemde kinderen, onverminderd de rechten hen door Hoofdstuk V van Titel V van Boek I van het Burgelijk Wetboek toegekend;) <W 1994-06-30/33, art. 27, 026; Inwerkingtreding : 1994-10-01>
  4° (het bedrag van de eventuele uitkering te betalen door de ene echtgenoot aan de andere, gedurende de proeftijd en na de echtscheiding, de formule voor de eventuele aanpassing van die uitkering aan de kosten van levensonderhoud, de omstandigheden waaronder dit bedrag na de echtscheiding kan worden herzien en de nadere bepalingen ter zake.) <W 1994-06-30/33, art. 27, 026; Inwerkingtreding : 1994-10-01>
  ((Wanneer nieuwe omstandigheden buiten de wil van de partijen hun toestand of die van de kinderen ingrijpend wijzigen), kunnen de beshikkingen bedoeld in het 2° en het 3° van het voorgaande lid na de echtscheiding worden herzien door de bevoegde rechter.) <W 1994-06-30/33, art. 27, 026; Inwerkingtreding : 1994-10-01> <W 1997-05-20/47, art. 11, 033; Inwerkingtreding : 07-07-1997>

  Art. 1288bis.
<ingevoegd bij W 1994-06-30/33, art. 28, Inwerkingtreding : 1994-10-01>
De vordering wordt ingeleid bij verzoekschrift.
  Het wordt neergelegd ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg, naar keuze van de echtgenoten.
  Naast de andere verplichte vermeldingen (verwijst het verzoekschrift op straffe van nietigheid naar de als bijlage opgenomen overeenkomsten) die worden vereist door de artikelen 1287 en 1288. <W 1997-05-20/47, art. 12, 1°, 033; Inwerkingtreding : 07-07-1997>
  Als bijlagen bij het verzoekschrift worden neergelegd :
  1° de overeenkomsten opgesteld met toepassing van de artikelen 1287 en 1288;
  2° in voorkomend geval, de boedelbeschrijving die in artikel 1287, tweede lid, wordt bedoeld;
  3° een uittreksel uit de akten van geboorte en uit de akte van huwelijk van de echtgenoten;
  4° een uittreksel uit de akten van geboorte (van de kinderen bedoeld in artikel (1254, § 1, tweede lid)). <W 1997-05-20/47, art. 12, 2°, 033; Inwerkingtreding : 07-07-1997> <W 2007-04-27/00, art. 33, 087; Inwerkingtreding : 01-09-2007>
  (5° een bewijs van nationaliteit van elk van de echtgenoten.) <W 1997-05-20/47, art. 12, 3°, 033; Inwerkingtreding : 07-07-1997>
  Van het verzoekschrift en de bijlagen worden een origineel en twee afschriften neergelegd. Wanneer de echtgenoten geen kinderen hebben, volstaat één afschrift.
  Het origineel van het verzoekschrift wordt door beide echtgenoten of door ten minste een advocaat of notaris ondertekend.