Titel II. Schenkingen onder de levenden en testamenten
Erfstelling over de hand - Ouderlijke boedelverdeling - Beschikkingen tussen echtgenoten
Art. 1081 : schenking van tegenwoordige goederen: bruidsschat
Art. 1081. Iedere schenking onder de levenden van tegenwoordige
goederen, hoewel bij huwelijkscontract gedaan aan de echtgenoten of aan
een van hen, is onderworpen aan de algemene regels die met betrekking
tot zodanige schenkingen zijn voorgeschreven.
Zij kan niet gedaan worden ten voordele van de kinderen die
zullen worden geboren, behalve in de gevallen vermeld in hoofdstuk VI
van deze titel.
Art. 1082 : schenking van goederen die men zal nalaten: contractuele erfstelling
Art.
1084. De schenking bij huwelijkscontract mag de tegenwoordige en
toekomstige goederen samen, geheel of ten dele, omvatten, mits aan de
akte een staat gehecht wordt van de schulden en lasten van de schenker,
zoals die op de dag van de schenking bestaan; in dit geval staat het de
begiftigde vrij, bij het overlijden van de schenker, zich tot de
tegenwoordige goederen te bepalen, en van de overige goederen van de
schenker af te zien.
Art. 1085. Indien de in het vorige
artikel bedoelde staat niet gehecht is aan de akte die de schenking van
de tegenwoordige en toekomstige goederen bevat, is de begiftigde
verplicht deze schenking in haar geheel aan te nemen of te verwerpen.
In geval van aanneming kan hij slechts de goederen opeisen die op de
dag van het overeen van de schenker nog aanwezig zijn en is hij
gehouden alle schulden en lasten van de nalatenschap te voldoen.
Art. 1086. De schenking bij huwelijkscontract ten voordele van de
echtgenoten en van de kinderen die uit hun huwelijk zullen worden
geboren, onverschillig door wie de schenking gedaan wordt, kan ook
geschieden onder voorwaarde om alle schulden en lasten van de
nalatenschap van de schenker, zonder onderscheid, te voldoen, of nog
onder andere voorwaarden waarvan de uitvoering afhangt van de wil van
de schenker; de begiftigde is gehouden die voorwaarden te vervullen,
tenzij hij verkiest van de schenking af te zien; en ingeval de schenker
zich bij huwelijkscontract de vrijheid heeft voorbehouden te beschikken
over een zaak die in de schenking van zijn tegenwoordige goederen
begrepen is, of over een uit die goederen te nemen bepaalde geldsom,
dan wordt die zaak of die geldsom, indien hij overlijdt zonder daarover
beschikt te hebben, geacht in de schenking te zijn begrepen en behoort
zij toe aan de begiftigde of aan diens erfgenamen.
Art. 1087 Schenkingen bij huwelijkscontract kunnen niet betwist of nietig verklaard worden, onder voorgeven dat aanneming ontbreekt.
Art. 1088 Iedere schenking ten voordele van het huwelijk gedaan, vervalt indien het huwelijk daarop niet volgt.
Art. 1089: vooroverlijden van zowel de begiftigde echtgenoot als zijn nakomelingen
Art. 1090 Alle schenkingen, aan de echtgenoten bij hun huwelijkscontract gedaan, kunnen, bij het openvallen van de erfenis van de schenker, worden ingekort tot het gedeelte waarover hij volgens de wet mocht beschikken.
Hoofdstuk IX. - Beschikkingen tussen echtgenoten, hetzij bij huwelijkscontract, hetzij tijdens het huwelijk
Anno 2006Af en toe wordt er nog gehuwd. Bij zuivere scheiding van goederen, zullen de echtgenoten soms een lijst opnemen van de bezittingen die ze van voor het huwelijk hebben. Indien men ook de schenking van de huwelijkscadeau's (bruidsschat) zou vermelden in het huwelijkscontract, zal men het registratierecht op schenking betalen op deze schenkingen. Huwelijkscadeau's kunnen ook bij handgift gegeven worden, en dan zijn er geen registratierechten verschuldigd. Maar later kan zich de vraag stellen aan wie het bankstel gegeven is. Sommige echtgenoten zullen bij echtscheiding aanvoelen dat wat van hun familie komt, ook aan hun toebehoort. Wat betreft de contractuele erfstelling door familieleden of vrienden in het huwelijkscontract, kan men gerust stellen dat deze helemaal in onbruik zijn geraakt. Echtscheiding daarentegen is meer in gebruik gekomen dan ten tijde van contractuele erfstellingen. |