schenking
Titel II. Schenkingen onder de levenden en testamenten
Hoofdstuk IV. Schenkingen onder de levenden
Eerste afdeling. Vorm van de schenkingen onder de levenden

Art. 935

   Een schenking aan een niet ontvoogde minderjarige of aan een onbekwaamverklaarde gedaan, moet worden aangenomen door zijn voogd, overeenkomstig artikel 410, § 1.

   Een ontvoogde minderjarige kan met de bijstand van zijn curator aannemen.

   Nochtans kunnen de vader en de moeder van de ontvoogde of niet ontvoogde minderjarige, of, zelfs gedurende het leven van de vader en de moeder, de andere bloedverwanten in de opgaande lijn, ook al zijn zij noch voogd noch curator over de minderjarige, de schenking voor hem aannemen.

Wetsgeschiedenis - Rechtsleer - Examenvraag 2003


minderjarige