Schenking van roerende goederen in 2006

De mogelijkheid om een schenking van roerende goederen aan een vlak tarief van 3 procent te doen werd ingevoerd in Vlaanderen in 2003. In 2005 volgenden Brussel en Wallonie.

Voor 2003 bestond er in Belgie de gewoonte om handgiften van roerende zaken te doen of schenkingen van roerende zaken bij notariele akte verleden in Nederland want het tarief inzake registratierechten was te hoog om Belgen deze schenkingen in Belgie te laten doen. Als dit soort schenkingen heeft nooit 1 frank opgebracht voor de Belgische schatkist. Om successierechten te ontwijken werden de grote Belgische vermogens massaal naar het buitenland gebracht, en daar verborgen. Maatschappelijk is het beter om een schenking van roerende goederen toe te staan aan een aantrekkelijk tarief. Het illegaal vluchten met roerende vermogens is niet echt goed een om maatschappelijk een band van vertrouwen te scheppen tussen burgers met een (groot) vermogen en de Belgische Staat. Als bijna niemand met een vermogen de Belgische staat en samenleving nog gunstig gezind is omwille van de fiscale druk, zit men op termijn met een maatschappelijk probleem.

Voor onroerende goederen is het tarief inzake schenkingsrechten anno 2006 nog steeds hoog en zelfs verhinderend hoog als het niet om schenkingen in de rechte lijn en tussen partners gaat, maar inzake onroerende goederen bestaat er geen mogelijkheid om de belasting te ontwijken (behalve datgene dat eigendom is van vennootschappen).

Door te schenken kan men meestal een besparing op het vlak van de successierechten realiseren. Bovendien wordt er bij een schenking vaak een vermogen in handen gebracht van een jongere en actievere generatie.