de minderjarige
Belgisch Burgerlijk Wetboek - Boek III - Eerste titel. Erfenissen - Hoofdstuk V. Aanvaarding en verwerping van nalatenschappen - Eerste afdeling. Aanvaarding
....

Art. 776 BW:

   Nalatenschappen aan minderjarigen en aan onbekwaamverklaarden kunnen alleen overeenkomstig de bepalingen van artikel 410, § 1, rechtsgeldig worden aanvaard. De fondsen en waarden die hen toebehoren, worden geplaatst op een rekening geopend op hun naam en worden onbeschikbaar gemaakt tot de meerderjarigheid of tot de opheffing van de onbekwaamverklaring zulks onverminderd het recht op wettelijk genot.



Wetsgeschiedenis:

Vorige versies van dit artikel hebben steeds de aanvaarding van een nalatenschap door een minderjarige of onbekwaamverklaarde behandeld.

Art. 776. <W 2001-04-29/39, art. 29, 006; Inwerkingtreding : 01-08-2001> Nalatenschappen aan minderjarigen en aan onbekwaamverklaarden kunnen alleen overeenkomstig de bepalingen van artikel 410, § 1, rechtsgeldig worden aanvaard. (De fondsen en waarden die hen toebehoren, worden geplaatst op een rekening geopend op hun naam en worden onbeschikbaar gemaakt tot de meerderjarigheid of tot de opheffing van de onbekwaamverklaring zulks onverminderd het recht op wettelijk genot.) <W 2003-02-13/54, art. 6, 008; Inwerkingtreding : 04-04-2003>


Sinds 2001: Nalatenschappen aan minderjarigen en aan onbekwaamverklaarden kunnen alleen overeenkomstig de bepalingen van artikel 410, § 1, rechtsgeldig worden aanvaard.

Sinds 1976: Nalatenschappen, aan minderjarigen en aan onbekwaamverklaarden opgekomen, kunnen niet wettig aanvaard worden dan overeenkomstig de bepalingen van de titel Minderjarigheid, voogdij en ontvoogding.