Inbreng in de nalatenschap van een schenking als voorschot op erfdeel

Ieder persoon kan tijdens zijn leven een schenking doen aan een vermoedelijke erfgenaam. Wanneer er daarbij niets wordt gespecifieerd, wordt deze schenkingen vermoed als voorschot op erfdeel te zijn.

Omdat het een schenking als voorschot op erfdeel is, moet er nog een verrekening zijn met eventuele andere erfgenamen van de schenker, indien die dat wensen. Deze verrekening kan pas gebeuren na het overlijden van de schenker.

Bij de verdeling van de nalatenschap van de schenker, kan een erfgenaam opmerken dat de overledene tijdens zijn leven een schenking heeft gedaan aan een andere erfgenaam en dat deze schenking een schenking als voorschot op erfdeel was. In deze omstandigheden kan die erfgenaam van de erfgenaam die de schenking heeft ontvangen, vorderen dat deze de destijds ontvangen schenking in de nalatenschap inbrengt.

Voor een onroerend goed dat destijds geschonken was, zal de inbreng in natura gebeuren. Dit betekent dat het onroerend goed fictief geacht wordt nog te behoren tot de te verdelen nalatenschap. Daardoor moet het onroerend goed gewaardeerde worden op basis van de waarde op het ongeblik van de inbreng. Die waarde kan aanzienlijk verschillen van de waarde die het had op het ogenblik van de schenking als voorschot op erfdeel.

Voor een roerend goed, zal de inbreng in principe gedaan worden door minder te krijgen van de te verdelen nalatenschap. Dit betekent dus dat de erfgenaam die destijds bijvoorbeeld een kast gekregen heeft, deze kast zal mogen behouden. Wat moet hij dan minder ontvangen uit de nalatenschap? Wel, als er nog andere kasten zijn in de nalatenschap zal hij er daar minder van ontvangen. Aan welke waarde moet de kast gewaardeerd worden? De kast moet gewaardeerde worden op basis van haar waarde ten tijde van de schenking. Deze waarde kan dus veel minder (of meer) zijn dan haar waarde op het ogenbik van de verdeling van de nalatenschap van de schenker.

Voor aandelen van een ondeneming waarin men een meerderheidsbelang heeft, wordt er wel anders gerekend.

----

Dit betekent dat deze schenkingen zullen moeten worden ingebracht in de nalatenschap van de schenker. Op deze manier wordt de gelijkheid tussen de erfgenamen hersteld. Inbreng is niet verschuldigd tegenover legatarissen.

Belgie

Inbreng van onroerende goederen geschiedt in prinipe in natura

Wanneer de nalatenschap geen gelijkaardige onroerende goederen bevat, zal er inbreng in natura zijn.

 

Wanneer de begiftigde het geschonken onroerend goed echter vervreemd heeft voor het openvallen van de nalatenschap, zal de inbreng geschieden door mindere ontvangst.

Er

 

Heeft de begiftigde het geschonken onroerend goed slechts gehypothekeerd, dan zal het vrij van hypotheken in de nalatenschap worden ingebracht.

Art. 860. De inbreng geschiedt alleen door mindere ontvangst, wanneer de begiftigde het onroerend goed voor het openvallen van de erfenis vervreemd heeft; als zodanig is verschuldigd de waarde van het onroerend goed op het ogenblik dat de erfenis is opengevallen.

 

Schenking van een bepaald onroerend goed aan een erfgenaam waarbij het beschikbaar deel overschreden werd.

Het is niet onmdat een erfgenaam een schenking buiten erfdeel heeft verkregen, dat hij geen rechten meer zou hebben in de nalatenschap als erfgenaam. De nalatenschap wordt in principe in natura onder de erfgenamen verdeeld. Schenkingen van een onroerend goed als voorschot op erfdeel worden daarbij in natura ingebracht. Maar indien het een scheking buiten erfdeel is en het beschikbaar deel overschreden is, zal de erfgenaam toch nog het onroerend goed (als dat niet deelbaar is in natura) mogen behouden en de overschrijding van het beschikbaar deel laten aanrekenen op zijn erfdeel zolang het onroerend goed hem voor meer dan de helft toekomt krachtens het beschikbaar deel. (Het grootste trekt het kleinste aan).

(bron : artikel 866 Burgerlijk Wetboek)

Overspelig kind

Dit kind heeft ook recht op zijn erfdeel. Het is echter mogelijk dat dit kind niet in de gemeenschappelijke woning werd opgevoed. De echtgenoot en de kinderen uit het huwelijk geboren kunnen in dat geval het overspelige kind uitsluiten van de verdeling in natura van de nalatenschap van de overspelige echtgenoot.

Wat krijgt dit kind dan? Het krijgt de tegenwaarde van zijn erfdeel. Eventueel zal men hiervan in mindering brengen hetgeen dit overspelige kind moet inbrengen of hetgeen aan inkorting onderhevig is.

(bron: artikel 837 Burgerlijk Wetboek)

>> volgende bladzijde >>