Inbreng van roerende goederen geschiedt door mindere ontvangst

 

Tot grondslag dient de waarde van de roerende goederen ten tijde van de schenking, volgens de staat van schatting die aan de schenking gehecht is en bij gebrek aan dergelijk staat, volgens een schatting van een deskundige.

Art. 860. De inbreng geschiedt alleen door mindere ontvangst, wanneer de begiftigde het onroerend goed voor het openvallen van de erfenis vervreemd heeft; als zodanig is verschuldigd de waarde van het onroerend goed op het ogenblik dat de erfenis is opengevallen.

Art. 868. De inbreng van roerende goederen geschiedt alleen door mindere ontvangst. Tot grondslag dient de waarde van de roerende goederen ten tijde van de schenking, volgens de staat van schatting die aan de akte gehecht is; en, bij gebreke van zodanige staat, volgens een schatting door deskundigen, op de juiste prijs en zonder toeslag.


Art. 869. De inbreng van geschonken geld geschiedt door mindere ontvangst uit het gereed geld van de nalatenschap.
Is daarvan geen voldoende hoeveelheid aanwezig, dan kan de begiftigde zich van de inbreng van gereed geld bevrijden door, tot het vereiste bedrag, roerende goederen en, bij gebreke daarvan, onroerende goederen van de nalatenschap af te staan.

Voorbeeld:

De overledene laat een kast na met een waarde van 20. Zijn 3 kinderen zijn de enige erfgenamen. Tijdens zijn leven heeft de erflater reeds aan 2 kinderen een kast geschonken (telkens destijds geschat aan 5).

Uit zijn nalatenschap ontvangt het kind dat nog geen kast kreeg 10 en de twee andere kinderen ieder 5 (of 5 minder dan wat het kind dat nog geen kast heeft kreeg).

Als zij de 5 inbrengen en nadien aftrekken (omdat ze ze al gekregen hebben) hebben we 20 + 5 + 5 = 30. Delen door 3 kinderen is ieder 10. Maar de twee kinderen die al een kast hebben gekregen trekken de 5 af die ze al gekregen hebben. Ze houden dus ieder 5 over. Terwijl het kind dat nog niets heeft gekregen slechts gewoon de 10 erf zonder mindering.

Dat is inbreng van roerende goederen door mindere ontvangst aan de waarde ten tijde van de schenking.

 

 

>> volgende bladzijde >>