Onwaardigheid om te erven

- Veroordeling wegens doding of poging tot doden van erflater

- Lasterlijk geoordeelde beschuldiging van de decuius van een feit waarop de doodstraf staat

- Nalatigheid van meerderjarige erfgenaam om aangifte te doen van een op de erflater gepleegde doodslag

 

Zie ook: herroeping van een schenking

 

2747.com / law / inheritance / unworthiness

contact

Erfrecht

Schenkingen

Testamenten

Huwelijksvermogensrecht

Artikel 727 Belgisch Burgerlijk Wetboek anno 2006

Veroordeling wegens doding of poging tot doden van erflater

Voor de toepassing van artikel 727, 1 B.W. dienen drie voorwaarden cumulatief vervuld te zijn.
1. Doding of poging tot doding Ook de eventuele mededader (art. 66 S.W.) is onwaardig.
2. Doding of poging tot doden van de erflater zelf
3. Definitieve veroordeling Een in kracht van gewijsde gegane veroordeling voor de misdaad is noodzakelijk. Een strafrechtelijke veroordeling is niet noodzakelijk.

Lasterlijk geoordeelde beschuldiging van de decuius van een feit waarop de doodstraf staat

Ook deze manier om vervroegd van een verwant te erven wordt door de wet onmogelijk gemaakt.
2. Toepassingsvoorwaarden
a. Beschuldiging: De erfgenaam dient een aangifte te hebben gedaan of klacht te hebben neergelegd.
b. Lasterlijke beschuldiging: De beschuldiging dient lasterlijk te zijn.
c. Veroordeling van de erfgenaam wegens laster: Een definitieve veroordeling van de kandidaat-erfgenaam wegens laster of valse getuigenis is vereist.
d. Een feit waarop de doodstraf staat. De lasterlijke aangifte dient een feit waarop de doodstraf staat te betreffen.

Nalatigheid van meerderjarige erfgenaam om aangifte te doen van een op de erflater gepleegde doodslag

1. Ratio legis: Het is de plicht van de erfgenaam om de erflater te wreken en te zorgen dat de moordenaar wordt gestraft.
2. Toepassingsvoorwaarden:
a. Aangifte van de op de erflater gepleegde doodslag. Men dient niet de moordenaar, doch slechts het feit van de moord aan te geven
b. Door de meerderjarige erfgenaam. Deze onbekwaamheid treft alleen meerderjarigen. In artikel 728 B.W. voorziet de wetgever evenwel in een uitzondering voor familieleden van de moordenaar.