Wetboek van het Belgische internationaal privaatrecht

Hoofdstuk I

Afdeling 5. - Conflictenrecht.


  Toepassing van buitenlands recht.

  Art. 15. § 1. De inhoud van het door deze wet aangewezen buitenlands recht wordt door de rechter vastgesteld.
  Het buitenlands recht wordt toegepast volgens de in het buitenland gevolgde interpretatie.
  § 2. Wanneer de rechter die inhoud niet kan vaststellen, kan hij een beroep doen op de hulp van de partijen.
  Wanneer het kennelijk onmogelijk is de inhoud van buitenlands recht tijdig vast te stellen, wordt Belgisch recht toegepast.

  Herverwijzing.

  Art. 16. In de zin van deze wet en behoudens bijzondere bepalingen worden onder het recht van een Staat de rechtsregels van die Staat verstaan met uitsluiting van de regels van het internationaal privaatrecht.

  Staten met meer dan één rechtsstelsel.

  Art. 17. § 1. Wanneer deze wet verwijst naar het recht van een Staat die twee of meer rechtsstelsels bezit, wordt voor de bepaling van het toepasselijk recht elk stelsel als het recht van een Staat beschouwd.
  § 2. Een verwijzing naar het recht van de Staat waarvan een natuurlijke persoon de nationaliteit bezit, heeft in de zin van § 1 betrekking op het rechtsstelsel dat door de in die Staat van kracht zijnde regels wordt aangewezen of, bij gebreke van dergelijke regels, op het rechtsstelsel waarmee die persoon de nauwste banden heeft.
  Een verwijzing naar het recht van een Staat die twee of meer rechtsstelsels bezit die toepasselijk zijn op verschillende categorieën van personen, heeft in de zin van § 1 betrekking op het rechtsstelsel dat door de in die Staat van kracht zijnde regels wordt aangewezen of, bij gebreke van dergelijke regels, op het rechtsstelsel waarmee de rechtsverhouding de nauwste banden heeft.

  Wetsontduiking.

  Art. 18. Voor de bepaling van het toepasselijk recht in een aangelegenheid waarin partijen niet vrij over hun rechten kunnen beschikken, wordt geen rekening gehouden met feiten en handelingen gesteld met het enkele doel te ontsnappen aan de toepassing van het door deze wet aangewezen recht.

  Uitzonderingsclausule.

  Art. 19. § 1. Het door deze wet aangewezen recht is uitzonderlijk niet van toepassing wanneer uit het geheel van de omstandigheden kennelijk blijkt dat het geval slechts een zeer zwakke band heeft met de Staat waarvan het recht is aangewezen maar zeer nauw is verbonden met een andere Staat. In dit geval wordt het recht van deze andere Staat toegepast.
  Bij de toepassing van het eerste lid wordt inzonderheid rekening gehouden met :
  - de nood aan voorspelbaarheid van het toepasselijk recht, en
  - de omstandigheid dat de betrokken rechtsverhouding geldig tot stand kwam volgens de regels van internationaal privaatrecht van Staten waarmee die rechtsverhouding verbonden was bij haar totstandkoming.
  § 2. Paragraaf 1 is niet van toepassing in geval van rechtskeuze door de partijen overeenkomstig de bepalingen van deze wet, of in geval de aanwijzing van het toepasselijk recht steunt op de inhoud ervan.

  Voorrangsregels.

  Art. 20. De bepalingen van deze wet doen geen afbreuk aan de toepassing van de dwingende bepalingen of bepalingen van openbare orde van Belgisch recht die erop gericht zijn een internationale situatie te regelen ongeacht het door de verwijzingsregels aangewezen recht, krachtens de wet of wegens hun kennelijke strekking.
  Bij de toepassing, krachtens deze wet, van het recht van een Staat kan aan de dwingende bepalingen of bepalingen van openbare orde van het recht van een andere Staat waarmee het geval nauw is verbonden, gevolg worden toegekend indien en voor zover die bepalingen, volgens het recht van die andere Staat, toepasselijk zijn ongeacht het door de verwijzingsregels aangewezen recht. Bij de beslissing of die bepalingen moeten worden toegepast, wordt rekening gehouden met de aard en strekking ervan, alsmede met de gevolgen die uit de toepassing of niet-toepassing ervan zouden voortvloeien.

  Openbare orde-exceptie.

  Art. 21. De toepassing van een bepaling uit het door deze wet aangewezen buitenlands recht wordt geweigerd voor zover zij tot een resultaat zou leiden dat kennelijk onverenigbaar is met de openbare orde.
  Bij de beoordeling van deze onverenigbaarheid wordt inzonderheid rekening gehouden met de mate waarin het geval met de Belgische rechtsorde is verbonden en met de ernst van de gevolgen die de toepassing van dat buitenlands recht zou meebrengen.
  Wanneer een bepaling van buitenlands recht niet wordt toegepast wegens deze onverenigbaarheid, wordt een andere relevante bepaling van dat recht of, indien nodig, van Belgisch recht toegepast.