Belgische Wetboek van internationaal privaatrecht

Hoofdstuk I
Woonplaats en gewone verblijfplaats.

Art. 4. § 1. Voor de toepassing van deze wet wordt onder woonplaats verstaan :

  1° de plaats waar een natuurlijke persoon volgens de bevolkingsregisters, de vreemdelingenregisters of het wachtregister in België zijn hoofdverblijf heeft;

  2° de plaats waar een rechtspersoon in België zijn statutaire zetel heeft.


§ 2. Voor de toepassing van deze wet wordt onder gewone verblijfplaats verstaan :

  1° de plaats waar een natuurlijke persoon zich hoofdzakelijk heeft gevestigd, zelfs bij afwezigheid van registratie en onafhankelijk van een verblijfs- of vestigingsvergunning; om deze plaats te bepalen, wordt met name rekening gehouden met omstandigheden van persoonlijke of professionele aard die duurzame banden met die plaats aantonen of wijzen op de wil om die banden te scheppen;

  2° de plaats waar een rechtspersoon zijn voornaamste vestiging heeft.

  § 3. Voor de toepassing van deze wet wordt de voornaamste vestiging van een rechtspersoon bepaald door in het bijzonder rekening te houden met zijn bestuurscentrum, evenals met zijn zaken- of activiteitencentrum, en in bijkomende orde met zijn statutaire zetel.