law - lease - contract

Huurovereenkomst voor een appartement

WOONHUURWET - HUUROVEREENKOMST

Tussen de ondergetekenden:
1. $
Verder de “verhuurder” genoemd.

2. $
Verder de “huurder” genoemd.

Werd het volgende overeengekomen:

Artikel 1 - Beschrijving van de gehuurde goederen
De verhuurder verhuurt aan de huurder, die dit aanvaardt, een woning met alle verdere aanhorigheden, op en met grond, gestaan en gelegen te $

Artikel 2 - Bestemming
De woning wordt verhuurd voor private woonst. De huur wordt beheerst door de woonhuurwet van twintig februari negentienhonderd eenennegentig.
De huurder mag de bestemming hiervan slechts wijzigen, met uitdrukkelijke instemming van de verhuurder.
De huurder zal de huurprijs noch geheel, noch ten dele, als beroepskosten fiscaal mogen aftrekken van zijn inkomen, op straffe gehouden te zijn tot onmiddellijke vergoeding van de verhuurder voor de volledige fiscale weerslag van die aftrek en verbreking van het contract lastens de huurder met betaling van een wederverhuringsvergoeding, gelijk aan $ maanden huur.

Artikel 3 - Staat - Plaatsbeschrijving
De huurder verklaart dit eigendom goed te kennen en hij verklaart dat het zich in goede staat van onderhoud bevindt.
$Aan deze overeenkomst wordt als bijlage een plaatsbeschrijving gehecht die werd opgemaakt op $.
OF
$Bij deze overeenkomst zal een plaatsbeschrijving worden gevoegd, die tevens geregistreerd dient te worden. Deze plaatsbeschrijving dient opgemaakt te worden tijdens de eerste maand van bewoning.

Indien geen omstandige plaatsbeschrijving is opgemaakt, wordt vermoed dat de huurder het gehuurde goed ontvangen heeft in dezelfde staat als waarin het zich bevindt op het einde van de huurovereenkomst, behoudens tegenbewijs, dat door alle middelen kan worden geleverd.
Indien tussen verhuurder en huurder een omstandige plaatsbeschrijving is opgemaakt, moet de huurder het goed teruggeven, zoals hij het, volgens die beschrijving, ontvangen heeft, met uitzondering van hetgeen door ouderdom of overmacht is tenietgegaan of beschadigd.

Artikel 4 - Duur
$$(Ofwel)(Gewone huur:) De huur neemt een aanvang op $ (= datum inwerkingtreding).
De huur wordt aangegaan voor de duur van negen jaar, en eindigt derhalve op $, althans voor zover één van beide partijen minstens zes maanden voordien een opzeg heeft betekend zoals beschreven in de bijlage aan deze overeenkomst, waarvan hierna sprake.
De verhuurder zal de huur te allen tijde voortijdig kunnen beëindigen voor eigen gebruik met inachtneming van een opzeggingstermijn van minstens zes maanden, en mits naleving van alle overige voorwaarden zoals gespecifieerd in artikel 3, § 2 van de Woninghuurwet. Hij zal de huur $eveneens $niet kunnen beëindigen bij het verstrijken van elke driejarige periode met het oog op wederopbouw en/of zonder motivering, mits nale-ving van artikel 3, § 3 en 4 van de Woninghuurwet en desgevallend tegen betaling van schadevergoeding zoals wettelijk bepaald.
De huurder kan de huurovereenkomst te allen tijde vervroegd beëindigen met inachtneming van een opzeggingstermijn van drie maanden, en desgevallend mits betaling van schadevergoeding, zoals voorzien in artikel 3, § 5 van de Woninghuurwet.

$$(Ofwel)(Huur van korte duur:) De huur wordt aangegaan voor een periode van ... maanden/jaar (maximum 3 jaar) ingaand op heden.
(desgevallend:) doch de uitvoering van de huurovereenkomst wordt geschorst tot en met ... (= dag vóór de datum waarop de huurder daadwerkelijk het genot van het gehuurde zal bekomen).
Gedurende deze periode kan de huur, noch door verhuurder, noch door huurder, vervroegd worden beëindigd en dit in afwijking van artikel 3, § 2 tot en met 5 van de Woninghuurwet.
Zowel huurder als verhuurder hebben het recht, mits betekening bij aangetekend schrijven van een opzeg van minstens drie maand, de lopende huur te beëindigen tegen het verstrijken van de periode van $drie jaar, $ingaand op heden.
Indien de huurder het goed evenwel, bij gebreke aan tijdig gegeven opzeg, blijft bewonen na het verstrijken van een periode van $drie jaar te rekenen vanaf heden, wordt de lopende huurovereenkomst geacht te zijn aangegaan voor een duur van NEGEN (9) jaar, te rekenen van heden, en is de huurovereenkomst, van dat ogenblik af, wél onderworpen aan de bepalingen van artikel 3, § 1 tot en met 5 van de Woninghuurwet.

Artikel 5 - Onderverhuring
Zonder de schriftelijke toelating van de verhuurder of zijn lasthebber, kan de huurder onmogelijk al zijn rechten op de verhuring of een gedeelte daarvan afstaan, en evenmin het gehuurde geheel of gedeeltelijk onderverhuren.

Artikel 6 - Huurprijs
De maandelijkse huurprijs wordt bepaald op $ euro ($ EUR)
Deze huurprijs is betaalbaar binnen de vijf eerste dagen van de maand, en op voorhand.
De huurprijs zal worden aangepast aan de kosten van levensonderhoud.
Deze aanpassing geschiedt op basis van de schommelingen van de gezondheidsindex.
De aangepaste huurprijs mag niet hoger zijn dan het bedrag verkregen door toepassing van de hierna volgende formule: basishuurprijs vermenigvuldigd met het nieuwe indexcijfer, en gedeeld door het aanvangsindexcijfer.
De aanvangsindex is die van de maand $, hetzij $ punten.
De nieuwe index is telkens het gezondheidsindexcijfer van de maand, voorafgaand aan die van de aanpassing.
De eerste aanpassing mag slechts gebeuren één jaar na het in werking treden van de huurovereenkomst.
Partijen komen hier evenwel overeen dat de eerste aanpassing aan de index der consumptieprijzen slechts zal gebeuren op $

Artikel 7 - Belastingen:
$Alle belastingen, taksen en heffingen die betrekking hebben op het gehuurde eigendom, ter uitzondering van de onroerende voorheffing, zullen uitsluitend worden gedragen en betaald door de huurder.
Gas-, elektriciteits- en waterverbruik, evenals de huur en desgevallend de herstelling van de verbruiksmeters, alsook alle overige kosten in verband met andere nutsvoorzieningen waarop het gehuurde eigendom zou zijn aangesloten, zijn ten laste van de huurder. Voor zover deze lasten en kosten betaald zouden zijn door de verhuurder, en hiervan het bewijs wordt voorgebracht, verbindt de huurder er zich toe deze op eerste verzoek terug te betalen aan de verhuurder.
$OFWEL Als forfaitaire tussenkomst vanwege de huurder in belastingen, taksen en alle overige heffingen die op het gehuurde  eigendom betrekking hebben, alsook in het verbruik van $water, elektriciteit, gas,$... verbindt de huurder er zich toe maandelijks, samen met de huur, een bedrag te betalen van $euro aan de verhuurder. Teneinde dit bedrag aan te passen aan de kosten van levensonderhoud wordt het jaarlijks samen met de huur aangepast aan de schommelingen van het indexcijfer, volgens dezelfde formule.

Artikel 8 - Onderhoud en herstelling
De huurder is gehouden het gehuurde eigendom in goede staat te onderhouden, en als een goed huisvader te gebruiken, zonder de aard of de bestemming ervan te wijzigen. Dienaangaande zal de huurder zich nooit kunnen beroepen op een stilzwijgende toestemming of op een louter gedogen.
De huurder moet alle herstellingen die krachtens de wet, de gebruiken of deze overeenkomst te zijnen laste vallen, onmiddellijk op zijn kosten uitvoeren.
Hij staat in voor alle schade, veroorzaakt door verstopping of bevriezing van de waterinrichtingen, inbegrepen w.c., het niet tijdig aangeven van waterinsijpeling, en het beschadigen door water e.a., van de gehuurde plaatsen alsook van lager gelegen en/of aanpalende plaatsen.
Indien dringende herstellingen vereist zijn die ten laste van de verhuurder vallen, is de huurder gehouden de verhuurder daarvan onmiddellijk schriftelijk op de hoogte te stellen, bij gebreke waarvan hij aansprakelijk zal worden gesteld voor de door zijn nalatigheid veroorzaakte schade.
De verhuurder heeft te allen tijde het recht de staat van het gehuurde goed te doen opnemen en het gehuurde te bezichtigen.

Artikel 9 - Veranderingswerken
Het is de huurder verboden het gehuurde goed te veranderen of te verbouwen, of er nieuwe gebouwen op te (laten) richten, zonder de voorafgaande en schriftelijke toestemming van de verhuurder.
Elke verandering, verbouwing of nieuwbouw, al dan niet met toestemming van de verhuurder of rechter aangebracht, wordt behoudens andersluidende overeenkomst of rechterlijke beslissing, van rechtswege en zonder vergoeding eigendom van de verhuurder bij het einde van het huurcontract, verhuurder die evenwel de verwijdering ervan kan vorderen indien hij geen schriftelijke toestemming had gegeven voor die verandering, of zich dat recht had voorbehouden bij het geven van zijn toestemming.

Artikel 10 - Bezoekregeling - Vervreemding
Gedurende de laatste drie maanden vóór het verstrijken van de huur, alsook indien het gehuurde goed te koop wordt aangeboden, is de huurder verplicht de gegadigden toe te laten het gehuurde goed te bezichtigen ten minste twee dagen in de week, gedurende ten minste twee uren in de namiddag, vastgesteld in onderling akkoord tussen huurder en verhuurder en bij gebreke aan akkoord op $ en $ telkens van $ tot $ uur, alsook het aanbrengen van een bericht te gedogen op een goed zichtbare plaats.
Voor de tegenwerpelijkheid van de huurovereenkomst bij vervreemding verwijzen partijen uitdrukkelijk naar artikel 9 van de Woninghuurwet.

Artikel 11 - Bemeubeling - aansprakelijkheidsverzekering
De huurder is verplicht het gehuurde goed van genoegzaam huisraad te voorzien om minstens een jaar huur te waarborgen.
Gedurende de ganse duurtijd van de huurovereenkomst verbindt de huurder er zich formeel toe zijn burgerlijke aansprakelijkheid - inclusief brand, glasbreuk en waterschade - te verzekeren bij een verzekeringsmaatschappij met zetel in België, met dien verstande dat het te verzekeren kapitaal de toepassing van het proportionaliteitsbeginsel verbiedt.  De huurder zal van deze verzekering het bewijs leveren en zal polis niet mogen opzeggen zonder de verhuurder ervan te verwittigen.

Artikel 12 - Huurwaarborg
Tot waarborg van de goede nakoming van zijn verbintenissen zal door de huurder, overeenkomstig artikel 10 van de Woninghuur-wet,
$- een bedrag gelijk aan $ (maximum twee) maanden basishuur, hetzij $ euro, worden geplaatst op een geïndividualiseerde geblokkeerde waarborg-rekening bij een Belgische financiële instelling naar zijn keuze. Het bewijs van deze storting zal aan de verhuurder worden overhandigd voor de ingebruikneming.
$- een bankwaarborg (gelijk aan maximum 3 maanden huur) worden gesteld die het de huurder mogelijk maakt om dehuurwaarborg in schijven te betalen
$- een bankwaarborg (gelijk aan maximum 3 maanden huur) worden gesteld met tussenkomst van het O.C.M.W.
$- ander waarborgen, dan geen begrenzing.

Over deze waarborg zal slechts kunnen beschikt worden op gezamenlijke handtekeningen van huurder en verhuurder, of mits rechterlijke machtiging. Indien de waarborg intrest opbrengt zal deze toekomen aan de huurder.
In afwijking van artikel 1740 van het Burgerlijk Wetboek zal deze waarborg eveneens de verplichtingen waarborgen die in voorkomend geval uit wederverhuring ontstaan.

Artikel 13 - Onteigening
Ingeval van onteigening, om reden van openbaar nut, verzaakt de huurder ieder verhaal tegen de verhuurder, en zal hij zijn rechten slechts kunnen doen gelden, tegenover de onteigenende overheid.

Artikel 14 - Registratie
$Indien woninghuurwet:
De verhuurder zal instaan voor de tijdige registratie van deze overeenkomst, die in principe kosteloos wordt geregistreerd op voorwaarde dat de registratie tijdig gebeurt.
Alle eventuele intresten en boeten wegens laattijdige registratie van onderhavige overeenkomst zullen dan ook uitsluitend ten laste vallen van de verhuurder.

$Indien gemeen recht (verplichting verhuurder is van aanvullend recht):
In hun onderlinge verhouding zijn partijen overeengekomen dat de $huurder $of verhuurder zal instaan voor de tijdige registratie van deze overeenkomst, die in principe kosteloos wordt geregistreerd op voorwaarde dat de registratie tijdig gebeurt.
Alle eventuele intresten en boeten wegens laattijdige registratie van onderhavige overeenkomst zullen dan ook uitsluitend ten laste vallen van de $huurder.

Artikel 15 - Verplichte bijlage.
Aan deze overeenkomst wordt een bijlage gehecht getiteld “BIJLAGE BIJ HET KONINKLIJK BESLUIT GENOMEN IN UITVOERING VAN ARTIKEL 11 bis , VAN BOEK III, TITEL VIII, HOOFDSTUK II, AFDELING 2, VAN HET BURGERLIJK WETBOEK”, dewelke wordt geacht een geheel uit te maken met onderhavige overeenkomst.

Artikel 16 - Bijzondere voorwaarden.
- $

Aldus opgemaakt in drie exemplaren, met één exemplaar voor de registratie, te $ op $.

Iedere partij verklaart een exemplaar van deze overeenkomst te hebben ontvangen.