Art. 1730. § 1, eerste lid

De partijen zijn verplicht een omstandige plaatsbeschrijving op te stellen, op tegenspraak en voor gezamenlijke rekening. Deze plaatsbeschijving wordt opgesteld ofwel tijdens de periode dat de ruimtes onbewoond zijn, ofwel tijdens de eerste maand van bewoning. Hij wordt gevoegd bij de geschreven huurovereenkomst in de zin van artikel 1bis van boek III, titel VIII, hoofdstuk II, afdeling 2 en zal eveneens onderworpen zijn aan de registratie.

Zoals ingevoegd: Wet van 25 april 2007 houdende diverse bepalingen (IV): Hoofdstuk III. - Wijzigingen van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot de huurcontracten