Handboek algemeen huurrecht : Duur, opzegging en verlenging van de huurovereenkomst

Stilzwijgende wederverhuring

Artikel 1738 van het Burgerlijk Wetboek.

Opdat van stilzwijgende wederinhuring sprake kan zijn, is de wederzijdse stilzwijgende toestemming van beide partijen vereist.

Het bewijs van de stilzwijgende wederinhuring kan door alle middelen van recht worden geleverd.

De toestemming uit zich in hoofde van de huurder in het verder bezetten van het goed gedurende een bepaalde termijn, met de ondubbelzinninge intentie het goed als huurder verder te bezetten.

Het stilzwijgen van de verhuurder dient te wijzen op de wil de huur verder te zetten.

De verhuurder kan ook een ingebrekestelling om het goed te verlaten kenbaar maken. Indien de huurder het goed blijft bezetten zonder dat aan de voorwaarden van stilzwijgende wederinhuring is voldaan, is er sprake van een bezetting ter bede, waar de verhuurder op elk ogenblik een einde aan kan maken.