Overdracht van het gehuurde goed

Bij verkoop, schenking, ruil, uitvoerend beslag..., komt de nieuwe eigenaar in contact met de huurder. Tussen hen bestaat er rechtstreeks geen overeenkomst. In de huurovereenkomst en koopovereenkomst kunnen regelingen worden uitgewerkt die het gebruik van het eigendom regelen, maar zowel de woninghuurwet als de handelshuurwet zijn van dwingend recht wat betreft de overdracht van het verhuurde eigendom.

Indien partijen vergeten zijn iets overeen te komen, blijft ieder contractueel aansprakelijk voor de verbintenissen die hij bij overeenkomst is aangegaan. Toch voorziet het Belgisch Burgelrijk Wetboek een regeling voor het conflict tussen de rechten van de huurer en de rechten van de koper:
Artikel 1743 Belgisch Burgerlijk wetboek anno 2006:
Indien de verhuurder het verhuurde goed verkoopt, kan de pachter of de huurder, die een authentieke huur of een huur met vaste dagtekening heeft, niet uit het gehuurde gezet worden door de koper, tenzij de verhuurder zich dit recht bij het huurcontract heeft voorbehouden.

Artikel 9 Woninghuurwet

Art. 9. Overdracht van het gehuurde goed.
Indien de huurovereenkomst een vaste dagtekening voor de vervreemding van het gehuurde goed heeft, treedt de verkrijger om niet of onder bezwarende titel in de rechten en verplichtingen van de verhuurder (op de datum van het verlijden van de authentieke akte), zelfs indien de huurovereenkomst het recht van uitzetting in geval van vervreemding bedingt.
Hetzelfde geldt wanneer de huurovereenkomst geen vaste dagtekening voor de vervreemding heeft, indien de huurder het verhuurde goed sinds ten minste zes maanden betrekt. In dat geval kan de verkrijger evenwel de huurovereenkomst te allen tijde beindigen, om de redenen en onder de voorwaarden bedoeld in artikel 3, 2, 3 en 4, mits aan de huurder, op straffe van verval, een opzegging van drie maanden wordt betekend binnen drie maanden te rekenen (van de datum van het verlijden van de authentieke akte) tot vaststelling van de overgang van eigendom.

Artikel 12 Handelshuurwet anno 2006

Art. 12. Zelfs wanneer het huurcontract het recht voorbehoudt om de huurder uit het goed te zetten in geval van vervreemding, mag hij die het verhuurde goed om niet of onder bezwarende titel verkrijgt, de huurder slechts eruit zetten in de gevallen vermeld onder 1, 2, 3 en 4 van artikel 16, en mits hij de huur opzegt, n jaar vooraf, en binnen drie maanden na de verkrijging, met duidelijke opgave van de reden waarop de opzegging gegrond is, alles op straffe van verval.
Hetzelfde geldt wanneer de huur geen vaste dagtekening heeft verkregen vr de vervreemding, ingeval de huurder het verhuurde goed sinds ten minste zes maanden in gebruik heeft.

 

2747.com / law / lease / ownership transfer

contact

Notarieel recht Burgerlijk recht