Pachtwet
§ 11. - Vervreemding van het gepachte goed en recht van voorkoop van de pachter
....
Art. 55. In geval van vervreemding van het pachtgoed treedt de verkrijger volledig in de rechten en verplichtingen van de verpachter.

Commentaar

In principe in ons Belgisch burgerlijk recht staan alle overeenkomsten los van elkaar. Dit is de relativiteit van de overeenkomsten (art. 1165 BW).

Tussen een koop en een huurovereenkomst kan een innige verbondenheid bestaan: het verkochte goed kan verhuurd zijn. In het Burgerlijk wetboek wordt het probleem van het verhuurde goed dat verkocht wordt opgelost in artikel 1743 BW. In artikel 55 van de  pachtwet wordt van deze regeling afgeweken.

Het gevolg van de regeling in artikel 55 van de pachtwet is dat de pachtovereenkomst volledig tegenstelbaar is aan de koper, hoewel die nooit met de pachter een overeenkomst heeft afgesloten.

Normaal gezien zal dit geen probleem zijn, gezien de verkoper de koper normaal wel zal gemeld hebben dat het verkochte eigendom verpacht was.

Maar zelfs al heeft de verkoper in alle talen over de verpachting gezwegen, dan nog zal de pachtovereenkomst volledig tegenstelbaar zijn aan de koper, alsof hij zelf een pachtovereenkomst zou hebben afgesloten met de pachter. En dit krachtens artikel 55 van de pachtwet.