De huurder en herstellingen aan het eigendom

Art. 1754 . Herstellingen ten laste van de huurder, of geringe herstellingen tot onderhoud, waartoe, behoudens andersluidend beding, de huurder gehouden is, zijn die welke door het plaatselijk gebruik als zodanig beschouwd worden en, onder andere, de herstellingen : Aan haarden, haardplaten, lijsten en mantels van schoorstenen; Aan de bepleistering van de muren van appartementen en andere woonplaatsen, onderaan tot op een meter hoogte; Aan vloerstenen en tegels van kamers, wanneer er slechts enkele gebroken zijn; Aan ruiten, tenzij die gebroken zijn door hagel of andere buitengewone en door overmacht veroorzaakte voorvallen waarvoor de huurder niet aansprakelijk is; Aan deuren, vensterramen, planken dienende tot afschutting of tot sluiting van winkels, hengsels, grendels en sloten.
Art. 1755 . Geen van de herstellingen die geacht worden herstellingen ten laste van de huurder te zijn, komt voor rekening van de huurder, wanneer alleen ouderdom of overmacht daartoe aanleiding hebben gegeven.

Volgende bladzijde >>

rechtinbelgie@2747.com