BW - Boek III. - Titel V. - Huwelijksvermogensstelsels - Hoofdstuk II. - Wettelijk stelsel

Afdeling III. - Bestuur van het gemeenschappelijk vermogen

Art. 1418. Onverminderd het bepaalde in artikel 1417, is de toestemming van beide echtgenoten vereist om :
  1. a) voor hypotheek vatbare goederen te verkrijgen, te vervreemden of met zakelijke rechten te bezwaren;
  b) een handelszaak of enig bedrijf te verkrijgen, over te dragen of in pand te geven;
  c) een huurovereenkomst voor langer dan negen jaar te sluiten, te vernieuwen of op te zeggen en een handelshuur of pachtovereenkomst toe te staan.
  2. a) een hypothecaire schuldvordering over te dragen of in pand te geven;
  b) de prijs van een vervreemd onroerend goed of de terugbetaling van een hypothecaire schuldvordering in ontvangst te nemen en opheffing te verlenen van hypothecaire inschrijvingen;
  c) een legaat of een schenking te aanvaarden of te verwerpen, wanneer bedongen is dat de vermaakte of geschonken goederen gemeenschappelijk zullen zijn;
  d) een lening aan te gaan;
  e) een kredietovereenkomst, bedoeld door de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet te sluiten, behalve wanneer die handelingen noodzakelijk zijn voor de huishouding of de opvoeding van de kinderen.