BW - Boek III. - Titel V. - Huwelijksvermogensstelsels - Hoofdstuk II. - Wettelijk stelsel

Afdeling III. - Bestuur van het gemeenschappelijk vermogen

Art. 1419. De ene echtgenoot kan zonder de toestemming van de andere niet onder de levenden beschikken om niet over goederen die deel uitmaken van het gemeenschappelijk vermogen.
  De bepaling is niet toepasselijk op giften die krachtens artikel 852 vrijgesteld zijn van inbreng, noch op giften aan de langstlevende echtgenoot.