Waarmerking op grond van gegevens identiteitskaart

Volgens artikel 139 hypotheekwet waarmerkt de instrumenterende ambtenaar de naam, de voornamen, de plaats en datum van geboorte.

Die waarmerking geschiedt op grond van de gegevens vervat in :

het rijksregister van de natuurlijke personen,

de identiteitskaart,

het trouwboekje

of, bij betwisting, de registers van de burgerlijke stand.

Indien de waarmerking gebeurt op basis van de identiteitskaart volstaan de eerste twee voornamen in de plaats van de opname van alle voornamen.

De voornamen worden vermeld in de volgorde waarin zij voorkomen in het stuk op grond waarvan de identificatie is gebeurd.

De expedities en uittreksels aangeboden aan de hypotheekbewaarder geven de inhoud van deze waarmerking weer.

Hypotheken 2007: topics - dialogen - clausules