Hoofdstuk XI. - <Ingevoegd bij W 1995-02-09/35, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2001> Vermelding van de partijen en van de onroerende goederen.

  Art. 139. <Ingevoegd bij W 1995-02-09/35, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2001> § 1. In iedere akte of ieder stuk waarvan de openbaar- making in een hypotheekkantoor vereist is, wordt ieder natuurlijke persoon op wiens naam de openbaarmaking moet geschieden vermeld met zijn naam, gevolgd door zijn voornamen, plaats en datum van geboorte, en zijn woonplaats.
  Indien de akte authentiek is of in geval van inschrijving van een wettelijke hypotheek waarmerkt de instrumenterende ambtenaar of de persoon die de inschrijving kan vorderen, de naam, de voornamen en de plaats en datum van geboorte hetzij in de tekst, hetzij onderaan de akte of het stuk. Die waarmerking geschiedt op grond van de gegevens vervat in de registers van de burgerlijke stand, het trouwboekje of het rijksregister van de natuurlijke personen, voor zover in laatstgenoemd geval de authentieke akte of het stuk, met de uitdrukkelijke instemming van de partijen, het identificatienummer in dat register vermeldt. De expedities en uittreksels aangeboden aan de hypotheekbewaarder geven de inhoud van de waarmerking weer.
  In de andere gevallen wordt een uittreksel uit de registers van de burgerlijke stand gevoegd bij de akte of het stuk.
  § 2. Indien de persoon op wiens naam de openbaarmaking moet geschieden, niet bekend is in de registers van de burgerlijke stand noch in het rijksregister, bepaalt de openbare ambtenaar, de andere ambtenaar of de aanvrager, naargelang van het geval, in de bovengenoemde waarmerking of onderaan de akte of het stuk, het identiteitsbewijs op grond waarvan de naam, voornamen, plaats en datum van geboorte van de betrokkene zijn vastgesteld.
  Bij gebrek aan de identificatiestukken bedoeld in de voorgaande leden, kunnen deze laatste worden vervangen door een akte van bekendheid opgesteld door een Belgisch notaris.
  § 3. Voor de openbaar te maken vonnissen wordt de identificatie van de personen gewaarmerkt door een notaris, door de ambtenaar of door de optredende overheid, onderaan de expeditie, op de wijze voorgeschreven bij dit artikel.
  § 4. De familienaam moet eerst vermeld worden en wordt in hoofdletters geschreven; de voornamen worden in kleine letters geschreven en worden vermeld in de volgorde waarin zij voorkomen in het stuk op grond waarvan de identificatie is geschied.
  § 5. De Koning kan de in dit artikel genoemde identificatieregels aanvullen.

  Art. 140. <Ingevoegd bij W 1995-02-09/35, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2001> In iedere akte of ieder stuk waarvan de openbaarmaking in een hypotheekkantoor vereist is, moet iedere vennootschap, vereniging of andere privaatrechtelijke rechtspersoon op wiens naam de openbaarmaking moet geschieden vermeld worden met de benaming, rechtsvorm, datum van de oprichtingsakte en de zetel van de vennootschap of de statutaire zetel, alsook met het BTWidentificatienummer indien deze vennootschap, vereniging of rechtspersoon belastingplichtig is.
  De Koning kan de in dit artikel genoemde identificatieregels aanvullen.

  Art. 141. <Ingevoegd bij W 1995-02-09/35, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2001> De vermelding van de onroerende goederen waarvoor een openbaar te maken akte of stuk is opgemaakt, bevat de volgende gegevens : geografische ligging (gemeente, straat of gehucht, politienummer), kadastrale beschrijving, zoals blijkt uit een uittreksel, minder dan een jaar oud, uit de kadastrale legger, aard en oppervlakte. Indien sedert de overschrijving van de laatste titel de gegevens betreffende de geografische ligging en de kadastrale beschrijving gewijzigd zijn, moeten die gegevens zoals ze blijken uit die titel eveneens worden vermeld.
  Betreft het verdiepingen of gedeelten van verdiepingen van een onroerend goed bedoeld in artikel 577bis, § 11, van het Burgerlijk Wetboek, dan moet de vermelding tevens conform de gegevens zijn van de overgeschreven basisakte en van de overgeschreven akten die de basisakte hebben gewijzigd.
  In de akte of het stuk waarvan de openbaarmaking vereist is, wordt de eigendomstitel van de desbetreffende onroerende goederen vermeld en de laatst overgeschreven titel indien hij minder dan dertig jaar oud is.
  De Koning kan de in dit artikel genoemde identificatieregels aanvullen.

  Art. 142. <Ingevoegd bij W 1995-02-09/35, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2001> De Koning bepaalt de wijze waarop in elke aanvraag om een getuigschrift, de natuurlijke en de rechtspersonen uit hoofde van wie inlichtingen worden gevraagd en de betrokken onroerende goederen, moeten worden vermeld.

  Art. 143. <Ingevoegd bij W 1995-02-09/35, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 01-01-2001> De hypotheekbewaarder mag weigeren het geheel van de formaliteit waarvan de openbaarmaking gevraagd is te vervullen of het gevraagde getuigschrift af te geven indien niet is voldaan aan het bepaalde in de artikelen 139 tot 142.