Wetboek van de inkomstenbelastingen

Titel VII. Vestiging en invordering van de belastingen

Hoofdstuk 9 : Rechten en voorrechten van de Schatkist inzake invordering
...

Afdeling IV : Aansprakelijkheid en plichten van sommige ministeriële officieren, openbare ambtenaren en andere personen

Artikel 435 :

§ 1. Wanneer de in artikel 433 bedoelde akte verleden is, geldt de in artikel 434 bedoelde kennisgeving als beslag onder derden in handen van de notaris op de bedragen en waarden die hij krachtens de akte onder zich houdt voor rekening of ten bate van de belastingschuldige.

   Daarenboven, indien de aldus door beslag onder derden getroffen sommen en waarden minder bedragen dan het totaal van de sommen verschuldigd aan de ingeschreven schuldeisers en aan de verzetdoende schuldeisers, hierin begrepen de ontvangers van de directe belastingen, moet de notaris, op straffe van persoonlijke aansprakelijkheid voor het overschot, uiterlijk de eerste werkdag die volgt op het verlijden van de akte hierover inlichtingen verstrekken aan :

   1° de dienst die daarvoor aangewezen is door de Minister van Financiën, zijn gedelegeerde, of de bevoegde overheid, en dit door middel van een procedure waarbij informaticatechnieken gebruikt worden;

   2° de bovengenoemde ontvangers bij een ter post aangetekende brief, wanneer de inlichtingen niet worden verstrekt overeenkomstig 1° of wanneer de notaris voorafgaandelijk het bericht bedoeld in artikel 433 bij ter post aangetekende brief heeft verstuurd.

   De datum van de inlichting is, naar gelang het geval, de datum van ontvangstmelding meegedeeld door de dienst die daarvoor door de Minister van Financiën, zijn gedelegeerde, of de bevoegde overheid is aangewezen, of de datum van neerlegging ter post van de aangetekende brief.

§ 2. Wanneer eenzelfde inlichting achtereenvolgens wordt verstuurd volgens de procedures voorzien respectievelijk in § 1, tweede lid, 1° en 2°, dan zal het bericht opgesteld overeenkomstig § 1, tweede lid, 2°, slechts primeren indien de datum van toezending vroeger is dan de verzendingsdatum van het bericht opgesteld overeenkomstig § 1, tweede lid, 1°.

§ 3. Onverminderd de rechten van derden, kan de overschrijving of de inschrijving van de akte, niet tegen de Staat ingeroepen worden indien de inschrijving van de wettelijke hypotheek geschiedt binnen acht werkdagen van de datum van de inlichting bedoeld in § 1, derde lid.

   Zijn zonder uitwerking ten opzichte van de schuldvorderingen inzake belastingen en bijbehoren, welke in uitvoering van artikel 434 werden ter kennis gegeven, alle niet ingeschreven schuldvorderingen waarvoor slechts na het verstrijken van de in § 1, tweede lid, voorziene termijn wordt beslag gelegd of verzet aangetekend.

§ 4. De Minister van Financiën, zijn gedelegeerde of de bevoegde overheid bepaalt de voorwaarden en toepassingsmodaliteiten van dit artikel.

Wetsgeschiedenis - Commentaar