Benoeming tot notaris

Notarissen worden benoemd door de Koning.

Na hun benoeming moeten notarissen een eed afleggen.

 

2747.com / law / notary / appoitment

contact

Notarieel recht

bron: Notariswet

Art. 43. § 1. Om tot notaris benoemd te worden moet de betrokkene tot kandidaat-notaris benoemd zijn. De kandidaat-notaris die postuleert voor een vacante standplaats moet, op straffe van verval, zijn kandidatuur bij een ter post aangetekende brief bij de Minister van Justitie indienen binnen een termijn van één maand na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van het bericht bedoeld in artikel 32, derde lid. Bij deze brief zijn de door de Koning bepaalde bijlagen gevoegd.

§ 2. Alvorens tot benoeming wordt overgegaan, dient binnen vijfenveertig dagen na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van het bericht bedoeld in artikel 32, derde lid, door de Minister van Justitie het gemotiveerd schriftelijk advies over de kandidaten te worden gevraagd aan :

1° de procureur des Konings van het arrondissement waar de kandidaat zijn woonplaats heeft, met betrekking tot de vraag of de kandidaat veroordelingen heeft opgelopen en of er een strafonderzoek hangende is;

2° het Adviescomité van notarissen van de provincie waar de kandidaat zijn beroepsactiviteit in het notariaat uitoefent of het laatst heeft uitgeoefend.

Deze adviezen dienen binnen negentig dagen na voornoemde bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, door de advies verlenende instanties in tweevoud te worden overgezonden aan de Minister van Justitie en in afschrift bij een ter post aangetekende brief te worden gestuurd aan de kandidaten waarop ze betrekking hebben. Aan de Minister van Justitie wordt een afschrift gestuurd van het bewijs van deze aangetekende zending. Binnen een termijn van honderd dagen na voornoemde bekendmaking in het Belgisch Staatsblad of uiterlijk binnen een termijn van vijftien dagen na de kennisgeving van het advies, kunnen de kandidaten, bij een ter post aangetekende brief, hun opmerkingen aan de advies verlenende instantie en aan de Minister van Justitie overzenden.

Art. 44. § 1. Uiterlijk binnen dertig dagen na het verstrijken van de termijn bedoeld in artikel 43, § 2, derde lid, zendt de Minister van Justitie aan de bevoegde Benoemingscommissie voor elke kandidaat een benoemingsdossier over. Dit benoemingsdossier bevat : 1° de kandidatuur met de bijlagen bedoeld in artikel 43, § 1; 2° de schriftelijke adviezen.

§ 2. De Benoemingscommissie hoort de kandidaten en maakt vervolgens een rangschikking op van de drie meest geschikte kandidaten. Indien de Benoemingscommissie advies moet uitbrengen over minder dan drie kandidaten, wordt de lijst beperkt tot de enige kandidaat of de enige twee kandidaten. De rangschikking gebeurt op grond van criteria die betrekking hebben op de bekwaamheid en de geschiktheid van de kandidaat voor het uitoefenen van het ambt van notaris.

§ 3. Van de rangschikking wordt een gemotiveerd proces-verbaal opgemaakt, dat door de voorzitter en de secretaris van de Benoemingscommissie wordt ondertekend. Indien een kandidaat met eenparigheid van stemmen als eerste wordt gerangschikt, wordt daarvan melding gemaakt. Binnen dertig dagen na het verstrijken van de termijn bedoeld in § 1, zendt de voorzitter van de Benoemingscommissie de lijst met de gerangschikte kandidaten en het proces-verbaal over aan de Minister van Justitie en een afschrift van de lijst aan de gerangschikte kandidaten. De Koning benoemt de notaris op voordracht van de Minister van Justitie. Elke kandidaat die niet benoemd werd, kan, mits schriftelijk verzoek gericht aan de Benoemingscommissie, inzage en afschrift krijgen van het gedeelte van het proces-verbaal dat uitsluitend op hem en op de benoemde kandidaat betrekking heeft.

§ 4. De leden van een Benoemingscommissie zijn tot geheimhouding verplicht. Artikel 458 van het Strafwetboek is op hen van toepassing. ".