de notaris en de cheque

De notaris moet het bankrekening nummer vermelden waarop de cheque getrokken wordt.

De notaris moet U een ontvangstbewijs afleveren wanneer U hem een cheque overhandigt.

 

Wanneer een notariŽle akte een verrichting vaststelt waarvan de som 25.000 EUR of meer bedraagt, moet de betaling van deze som gebeuren door middel van een overschrijving of cheque. De notaris moet in de akte het nummer van de financiŽle rekening vermelden waarlangs het bedrag overgedragen werd of zal worden.  (Art. 10bis. gecoŲrdineerde Wet van 11 januari 1993)

Art. 12. ß 1. gecoŲrdineerde Wet van 11 januari 1993 Wanneer de in artikel 2 beoogde ondernemingen of personen weten of vermoeden dat een uit te voeren verrichting verband houdt met het witwassen van geld, brengen zij dit, vooraleer de verrichting uit te voeren, ter kennis van de Cel voor financiŽle informatieverwerking en delen zij in voorkomend geval de termijn mee binnen welke die verrichting moet worden uitgevoerd. Deze kennisgeving mag telefonisch geschieden, maar moet onmiddellijk bevestigd worden per telefax of, bij gebrek daaraan, op enig andere schriftelijke wijze.
Zodra de Cel de kennisgeving ontvangt, bevestigt zij de ontvangst ervan.

Bron: Wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiŽle stelsel voor het witwassen van geld

ACTUALISERING VAN DE LIJST LANDEN EN GEBIEDEN DIE NIET MEEWERKEN AAN DE WITWASBESTRIJDING

De Cook-eilanden, Egypte, Grenada, Guatemala, IndonesiŽ, Myanmar, Nauru, Nigeria, de Filippijnen, St. Vincent en de Grenadines en de OekraÔne (aanpassing van 12 oktober 2002)
(zie hiervoor ook : www.ctif-cfi.be).

Deze door de FAG (FinanciŽle Actiegroep) vastgestelde lijst werd op 11 october jl. terug aangepast.

Daar Rusland, Dominica, Niue en de Marshall-eilanden de nodige stappen hebben ondernomen om aan de vastgestelde tekortkomingen te verhelpen, werd beslist deze landen van de lijst te schrappen, zonder daarom de opvolging van de daadwerkelijke toepassing van de voorgenomen hervormingen uit het oog te verliezen.

De geactualiseerde lijst ziet er sinds 11 october 2002 als volgt uit:

1. de Cook-eilanden
2. Egypte
3. Grenada
4. Guatemala
5. IndonesiŽ
6. Myanmar
7. Nauru
8. Nigeria
9. de Filippijnen
10. St. Vincent en de Grenadines
11. OekraÔne

De FAG heeft ten aanzien van de landen en gebieden die niet meewerken aan de witwasbestrijding, de toepassing gehandhaafd van haar aanbeveling 21 die bepaalt dat financiŽle instellingen hun relaties met cliŽnten, gevestigd in landen die niet of onvoldoende haar veertig aanbevelingen toepassen, nauwkeurig moeten opvolgen.

Bijgevolg herhaalt de Cel voor financiŽle informatieverwerking haar verzoek aan de notarissen om bijzondere aandacht te besteden aan de zakenrelaties en verrichtingen waarin natuurlijke en rechtspersonen, financiŽle instellingen inbegrepen, zijn betrokken die in de 11 voornoemde landen of gebieden zijn gevestigd.


Wanneer die verrichtingen geen duidelijk economisch of wettig motief hebben, moeten hun achtergrond en bedoeling worden onderzocht. Zodra de notaris op grond van een overeenstemmend geheel van feiten of gegevens het versterkt vermoeden heeft dat het om een geval van witwassen van geld gaat, is hij verplicht met toepassing van artikel 14bis van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiŽle stelsel voor het witwassen van geld om de Cel voor financiŽle informatieverwerking hiervan onmiddellijk op de hoogte te brengen. Ter herinnering, voornoemd artikel 14bis bepaalt dat de notarissen die in de uitoefening van hun beroep feiten vaststellen waarvan ze weten dat ze verband houden met het witwassen van geld of die bewijsmateriaal voor het witwassen van geld kunnen vormen, daarvan onmiddellijk de Cel voor financiŽle informatieverwerking moeten op de hoogte brengen.

Ook in de toekomst zal de door de FAG vastgestelde lijst met landen en gebieden die niet meewerken aan de witwasbestrijding, periodiek worden geactualiseerd. Het spreekt voor zich dat u geÔnformeerd zal worden over eventuele wijzigingen in de lijst.

Toepassing van tegenmaatregelen tegen NAURU

Daar Nauru tot op heden na aanmaning niet het nodige heeft gedaan om de vastgestelde ernstige lacunes aan te vullen, blijft de verruimde plicht tot kennisgeving, beoogd in artikel 14ter van de wet van 11 januari 1993 en in artikel 1 van het koninklijk besluit van 10 juni 2002, behouden voor alle financiŽle verrichtingen en feiten waarin natuurlijke of rechtspersonen zijn betrokken die gedomicilieerd, geregistreerd of gevestigd zijn in Nauru.


Meer informatie over de problematiek van de landen die niet meewerken aan de witwaspreventie, kan u vinden op de webstek van de FAG: www.fatf-gafi.org.