law : notary : copy

Wetboek der registratierechten - 9. Verplichtingen met het oog op het verzekeren van het heffen van de rechten:

Afdeling II : Voorschriften betreffende het uitreiken van uitgiften

Artikel 172 : Notarissen, gerechtsdeurwaarders , griffiers der hoven en rechtbanken en bestuurlijke overheden mogen, vóór het nakomen van de formaliteit der registratie, de akten welke zij verplicht zijn te doen registreren of waarvan de rechten in hun handen moeten worden geconsigneerd, niet in brevet, uitgifte, afschrift of uittreksel uitreiken, zelfs zo de voor de registratie gestelde termijn niet verstreken is.

Alle overtreding van dit verbod wordt met een geldboete van 25 EUR gestraft.

Artikel 173 : Van voorgaand artikel wordt afgeweken ten aanzien van :

    1° de expedities van akten, verleden voor Belgische notarissen, die aanleiding geven tot een hypothecaire formaliteit waarbij de bedoelde expedities door de notaris eerst aan de betrokken partijen mogen worden afgegeven nadat zij, overeenkomstig artikel 171 zijn aangevuld, met een afschrift van de vermelding van de registratie of met de in artikel 8, tweede lid, voorgeschreven vermelding;

    1°bis. de expedities en uittreksels van akten, verleden voor Belgische notarissen, die aanleiding geven tot neerlegging ter griffie van de rechtbank van koophandel overeenkomstig artikel 67 van het Wetboek van vennootschappen;

    2° afschriften welke vereist zijn voor de betekening van exploten en van andere soortgelijke akten;

    3° niet-ondertekende afschriften van vonnissen en arresten;

    4° vonnissen en arresten die met het oog op de dringende noodzakelijkheid, op de minuut en vóór de registratie uitvoerbaar verklaard worden;

    5° voor eensluidend verklaarde afschriften van vonnissen en arresten slechts afgeleverd ten einde de verhaalstermijnen te doen lopen. Die afschriften moeten vermelding van hun bijzondere bestemming dragen en mogen tot geen andere doeleinden worden gebruikt;

    6° uitgifte van vonnissen en arresten die worden uitgereikt aan het openbaar ministerie, alsmede uitgiften, afschriften of uittreksels die in strafzaken worden uitgereikt aan de Rijksagenten welke belast zijn met de tenuitvoerlegging van vonnissen en arresten;

    7° afschriften waarvan de aflevering wegens hoogdringendheid werd bevolen door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg.