Nationale kamer van notarissen
Deontologische code
aangenomen door de algemene vergadering van de Nationale Kamer van notarissen op 22 juni 2004

Hoofdstuk XII. – Bijzondere regels die van toepassing zijn op de erenotarissen

Artikel 41. De erenotaris kwijt zich loyaal t.a.v. zijn opvolger van de verplichtingen die hem opgelegd worden door artikel 55, § 1, van de organieke wet op het notariaat. De vergoeding die hij ontvangt krachtens artikel 55 impliceert, indien hij een professionele activiteit voortzet in het notariaat, dat hij zich onthoudt van elke daad van mededinging ten aanzien van zijn opvolger. Meer bepaald onthoudt een notaris in functie zich ervan een overeenkomst te sluiten met een erenotaris die niet zijn voorganger is indien zijn kantoor zich in de onmiddellijke omgeving bevindt van het kantoor waarvan de erenotaris de titularis was, en in het bijzonder indien zijn kantoor gevestigd is in hetzelfde vredege-rechtskanton, in dezelfde gemeente of in een aangrenzende gemeente.

Toelichting : Artikel 55, § 1 van de organieke wet voorziet in de overdracht aan de in opvolging benoemde notaris, van alle roerende, onlichamelijke bestanddelen verbonden aan de organisatie van het kantoor, ttz hetgeen men gewoonlijk aanduidt als goodwill of cliënteel (onverminderd het feit dat de cliënt uiteraard altijd vrij is te veranderen van notaris). Deze overdracht impliceert positieve verbintenissen (volledige informatie aan de opvolger, voorstelling van de opvolger aan het cliënteel, al naargelang de omstandigheden) alsook negatieve (verbod om het cliënteel af te wenden ten voordele van een andere notaris in functie, vooral wanneer de erenotaris diensten verstrekt aan deze laatste).
De criteria inzake het gevestigd zijn in hetzelfde vredegerechtskanton, dezelfde gemeente of een aangrenzende gemeente, zijn niet limitatief. De kamer van notarissen, die men vooraf dient te raadplegen, zal nagaan of de beide kantoren zodanig dicht bij elkaar liggen gelegen dat er nadeel kan ontstaan voor de nieuw benoemde notaris.

Aangezien tenslotte de verhoudingen tussen de notaris in functie en zijn voorganger niet altijd systematisch geregeld worden in een formele medewerkingsovereenkomst, maar dat ze ook kunnen voorkomen als een regematige medewerking, dient het woord “overeenkomst”, zoals het in dit artikel vermeld is, begrepen te worden in de zin van schriftelijke of mondelinge overeenkomst.

Artikel 42. De erenotaris die zijn diensten verleent aan een notaris in functie onthoudt zich ervan voordeel te halen uit zijn titel of zijn relaties om cliënteel te prospecteren. Bij zijn prestaties in dienst van de notaris in functie, gebruikt hij geen persoonlijk briefpapier waarop zijn naam en zijn hoedanigheid van erenotaris worden vermeld.

Toelichting : Het past niet dat een erenotaris misbruik zou maken van zijn titel om het cliënteel te werven in het voordeel van de notaris waaraan hij zijn diensten verstrekt. Indien daarentegen een erenotaris een professionele activiteit buiten het notariaat uitoefent, en voor zover deze activiteit vanzelfsprekend verenigbaar is met de waardigheid van het notarisberoep, kan men niet verbieden dat hij gewag zou maken van zijn titel van erenotaris.
notariele deontologie