Deontologische code notarissen

Hoofdstuk II. Specifieke plichten van de notaris als openbaar ambtenaar

Art. 3
De notaris verleent zijn ambt telkens wanneer hij daartoe verzocht wordt. Hij kan dit enkel weigeren in de volgende gevallen:

1° wanneer de akte die hem gevraagd wordt te verlijden bepalingen bevat die strijdig zijn met een wet van openbare orde of derden kunnen misleiden;

2° wanneer de partijen in de akte handelen met miskenning van de rechten van een derde of van de overheid;

3° wanneer hij onbevoegd is om één van de redenen opgesomd in de organieke wet van het notariaat;

4° wanneer partijen hem verzoeken hetzij een overeenkomst te authentificeren in een materie die buiten de juridische bekwaamheid valt die kan verwacht worden van elke notaris, hetzij authentiek verklaringen of vaststellingen te akteren die niet onder de notariële ambtsplichten vallen.



Art. 4
De notaris moet voldoen aan de eisen van authenticiteit die hij verleent aan de door hem verleden akten. Hij beschrijft trouw al de feiten die hij zelf vaststelt alsmede de verklaringen van partijen.


Art. 5
Wanneer de notaris over een elektronische handtekening beschikt die hem identificeert in deze hoedanigheid, onthoudt hij er zich van deze te gebruiken buiten het kader van de uitoefening van zijn ambt en ook deze te laten gebruiken door derden, zelfs als het gaat om zijn medewerkers die in het kader van de uitoefening van zijn ambt handelen.


Art. 6
De notaris moet voor de uitoefening van zijn ambt beschikbaar zijn en diligent handelen.
Hij organiseert zijn kantoor op zodanige wijze dat hij hiertoe over voldoende menselijke en materiële middelen beschikt.


Art. 7
In de voorbereiding van zijn dossiers, de opstelling van zijn akten, de berekening van zijn ereloon en de vervulling van de formaliteiten na het verlijden van de akten, past de notaris de wettelijke voorschriften en zijn beroepsregels toe.


Art. 8
De notaris respecteert de regel van de eenheid van standplaats. Daartoe, en behoudens uitzonderlijke omstandigheden, onthoudt hij zich ervan akten te verlijden en over een dossier te onderhandelen met een cliënt buiten zijn kantoor. Hij legt dezelfde regel op aan zijn medewerkers.