Notarieel examen 2001

Juist-fout / Ja-nee

II.5. vraag - antwoord : Om de verkoper, de hr Jef Kazak, en de koper, de hr Ivo Acrobat, te vereenzelvigen, verklaart de notaris :

A.    ze te vereenzelvigen op zicht van hun identiteitskaart.

B.    ze persoonlijk te kennen.

C.    zich te baseren, met hun instemming, op de gegevens van het rijksregister.

D.    de verkoper persoonlijk te kennen en de koper te vereenzelvigen op vertoning van zijn identiteitskaart.

Welke van deze vermeldingen is fout. Dewelke en waarom ?