Notarieel examen 2005

Consultaties-Clausules

III.6. KEUZEVRAAG

Een Belgische nijveraar, Richard Degeldt, is ingeschreven in de bevolkingsregisters te Antwerpen. Zijn echtgenote van Franse nationaliteit en zijn twee kinderen (33 en 26 jaar oud) wonen allen in België. Zij zijn gehuwd onder het stelsel van de zuivere scheiding van goederen. Zij zijn eigenaar van een herenhuis te Antwerpen, en van een vakantiewoning te Rochefort.
Beide onroerende goederen en het zich erin bevindende meubilair worden gezamenlijk geschat op een waarde van 1.250.000 EUR. Bij de BCK Bank in Antwerpen is Richard titularis van een bankrekening met een batig saldo van ongeveer 25.000 EUR. Het merendeel van zijn roerend patrimonium (waarde 2.000.000 EUR) is echter belegd bij de Motusbank in Luxemburg. Enkel Richard Degeldt kent het bestaan van dit roerend patrimonium en het rekeningnummer.
Richard Degeldt, 73 jaar oud, verneemt dat hij aan terminale kanker lijdt. Hij wenst dus zijn nalatenschap voor te bereiden. Meer bepaald wil hij zijn roerend vermogen in Luxemburg op discrete wijze vermaken aan zijn goede vriendin, Pamela Jolly, (een Amerikaanse dame, 34 jaar oud, die sinds meer dan 12 jaren te Brussel woont) Hij vreest wel voor haar verspilzucht,
en aarzelt tussen beide hierna vermelde mogelijkheden

 1. Een testament opstellen, waarin hij zijn echtgenote samen met zijn beide kinderen als algemene legatarissen aanstelt, volgens de Belgische wetgeving, voor de goederen in België gelegen. Daarna, in Luxemburg, een post mortem mandaat verlenen aan Pamela Jolly voor de bankrekening bij de Motusbank, volgens de Luxemburgse wetgeving, die zulk mandaat erkent.

2. Een testament opstellen, waarin hij zijn echtgenote samen met zijn beide kinderen als algemene legatarissen aanstelt, volgens de Belgische wetgeving, voor de goederen in België gelegen. Daarna, in Luxemburg, een “trust” stichten, naar Brits recht, (rechts-figuur die in het Belgisch recht onbestaand is), waarbij hij zijn goede vriend Simon Templar te Brussel als
“trustee” benoemt, met de opdracht aan Pamela, jaarlijks en gedurende tien jaren na zijn overlijden, de interesten van de Luxemburgse rekening uit te betalen; en daarna, na tien jaren, haar het volledige kapitaal te bezorgen.
De heer Degeldt voelt zich onzeker en gaat ten rade bij notaris Yves Slimme, te Antwerpen.

Wat moet de notaris antwoorden ?