law - notary - exam

Notariaat. - Vergelijkend examen voor de rangschikking van kandidaat-notarissen voor het jaar 2010. - Oproep tot de kandidaten

Inleiding - Bijlagen - Begeleidende brief en kopie bundel

Volledige oproep zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad:

Bij toepassing van artikel 39 van de wet 25 ventôse jaar XI tot organisatie van het notarisambt, zullen weldra de Nederlandstalige en Franstalige Benoemingscommissies voor het Notariaat overgaan tot de inrichting van het vergelijkend examen tot selectie en rangschikking van kandidaten tot een benoeming tot kandidaat-notaris voor het jaar 2010.
De kandidatuurstelling met bijlagen moeten, op straffe van verval, bij een ter post aangetekende brief, binnen de maand te rekenen vanaf de datum van de bekendmaking in het huidige nummer van het Belgisch Staatsblad van het koninklijk besluit bedoeld in artikel 35, § 2, alinea 2, van de wet van 25 ventôse jaar XI, hetzij uiterlijk op 15 februari 2010, om middernacht, verstuurd worden aan het volgend adres :
FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE
Vergelijkend examen tot rangschikking van kandidaat-notarissen voor het jaar 2010.
Dienst Personeelszaken ROJ 211
t.a.v. Heidi Sterckx
Waterloolaan 115
1000 BRUSSEL
De poststempel geldt als bewijs.
Op straffe van onontvankelijkheid, dienen de bijlagen voorzien door het koninklijk besluit van 30 december 1999 (Belgisch Staatsblad, 8 januari 2000) bij de kandidatuurstelling worden gevoegd, te weten :
1° een uittreksel uit de geboorteakte (of een ander wettelijk document afgeleverd ingeval de geboorteakte door overmacht niet kan gereproduceerd worden);
2° een afschrift van het diploma van licentiaat in het notariaat (niet het afschrift van licentiaat in de rechten);
3° een afschrift van het stagecertificaat bedoeld in artikel 36 van de wet van 25 ventôse XI op het notarisambt (te weten het stagecertificaat afgeleverd door de Voorzitter van de Nationale Kamer van Notarissen);
4° een bewijs van nationaliteit daterend van na de bekendmaking van deze oproep tot de kandidaten;
5° een getuigschrift van goed gedrag en zeden daterend van na deze bekendmaking van deze oproep tot de kandidaten;
6° een verklaring op erewoord van de kandidaat met vermelding van de periode(s) en de plaats(en) van tewerkstelling in het notariaat;
7° een gedetailleerd curriculum vitae houdende voor de uitoefening van het notarisambt relevante informatie, opgesteld volgens het model bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 30 juli 2004 - Editie 3 - pagina 58491 tot en met 58500.
Iedere kandidaat wordt verzocht melding te maken van zijn adres, telefoon- en faxnummer en e-mailadres waar hij kan bereikt worden. De kandidaten die in het buitenland gedomicilieerd zijn, worden verzocht woonplaats te kiezen in een gemeente van België.
Een fotokopie van de kandidatuurstelling en van de zeven bijlagen moeten bij deze aangetekende zending worden gevoegd.
Zowel de originele bundel als de bundel in fotokopie moeten worden genummerd en samengehecht.
Er zal geen verzoek tot aanvulling van een onvolledig dossier worden verstuurd. Elke betrokkene dient er zorgvuldig op toe te zien dat zijn dossier alle nodige documenten bevat.
Enkel de personen van wie de kandidatuur door de Minister van Justitie ontvankelijk wordt verklaard, zullen toegelaten worden tot de schriftelijke proef.
De bevoegde Benoemingscommissie zal bij aangetekend schrijven tot de kandidaten, wiens kandidatuur ontvankelijk wordt verklaard, een oproep richten voor het schriftelijk gedeelte van het vergelijkend examen.
Het schriftelijk gedeelte van het vergelijkend examen zal plaatsvinden op zaterdag 6 maart 2010, en zal voor de Nederlandstalige kandidaten, worden afgenomen in het auditorium Max Weber van de Katholieke Universiteit van Leuven, Parkstraat 51, 3000 Leuven.
De bevoegde Benoemingscommissie zal, per aangetekend schrijven, een oproep tot de kandidaten die toegelaten worden tot het mondeling gedeelte, versturen. Dit gedeelte zal aanvangen in de derde week van de maand april 2010 en zal plaatsvinden op de zetel van de Benoemingscommissies, Beenhouwersstraat 67, te 1000 Brussel.
Het ministerieel besluit van 13 januari 2003 houdende de goedkeuring van het programma van het vergelijkend examen werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 21 januari 2003, pagina 2002.
(De pers en de radio worden verzocht dit bericht over te nemen.)

Reglement van het vergelijkend examen
A. SCHRIFTELIJK GEDEELTE
1. Verloop van het schriftelijk gedeelte
De kandidaten krijgen vijf uur en dertig minuten de tijd om de schriftelijke examenvragen op te lossen, waarvan drie uur in de voormiddag en twee uur en dertig minuten in de namiddag. Er wordt een middagpauze ingelast van één uur en dertig minuten.
De kandidaten schrijven hun naam, voornaam en woonplaats op de aangeduide plaats op de examenbladen en worden daarna verzocht dit gedeelte te overplakken met de bijbehorende zelfklever. De examenbladen worden genummerd.
Gedurende de proef wordt het gebruik van GSM of van elke andere vorm van communicatiemiddel strik verboden.
Behoudens toelating van de Commissie,
a) is het gebruik van informaticamaterieel, fotografisch en kopie-apparatuur met uitzondering van zakrekenmachines, verboden;
b) mag elke kandidaat die beslist om toch niet deel te nemen aan het examen, de zaal slechts verlaten een uur na het begin van de proef.
2. Verbetering
De Commissie kan de verbetering van de antwoorden van eenzelfde vragenlijst aan eenzelfde ploeg van ten minste twee van haar leden toevertrouwen.
Voor de verbetering van de vragen, stelt de Commissie een lijst op van de elementen waarnaar de kandidaat, naar haar oordeel, zou moeten verwezen hebben, of van de moeilijkheden die hij had moeten aanvoelen. De leden die de antwoorden verbeteren, zijn door deze lijst niet absoluut gebonden.
3. Kwotering en deliberatie
In het totaal worden honderd punten aan het schriftelijk gedeelte toegekend. De Commissie kan met fracties van punten werken.
Op verslag van de leden die de antwoorden op een gestelde vraag of praktisch geval verbeterd hebben, kan de Commissie, bij meerderheid van haar leden, beslissen dat er geen punten toegekend worden aan de antwoorden op die vraag of praktisch geval, indien uit de verbetering van de antwoorden blijkt, dat deze substantieel en voor de overgrote meerderheid van de kandidaten afwijken van de modelantwoorden of lijsten door de Commissie opgesteld. Deze beslissing moet genomen worden bij aanvang van de deliberatie en vooraleer de identiteit van de deelnemers aan de schriftelijke proef gekend is door diegenen die de antwoorden verbeterd hebben.
Elke ploeg van leden dat verbeterd heeft, deelt aan de Commissie de voorlopige kwoteringen die hij voorstelt, mee. De deliberatie gebeurt in de schoot van de Commissie.
B. HET MONDELING GEDEELTE
1. Verloop van het mondeling gedeelte
Elke kandidaat wordt door de Commissie ondervraagd. De Commissie kan niettemin beslissen om zich op te delen in groepen van minstens twee leden, waarvan ten minste één notaris en één extern lid. In dat geval wordt elke kandidaat achtereenvolgens ondervraagd door elke groep. Wanneer de Commissie zou beslissen om zich op te delen in twee groepen van vier leden, kan elke groep tot de ondervraging van de kandidaten overgaan voor zover in elke groep minstens drie leden aanwezig zijn.
Het mondeling gedeelte duurt minstens twintig minuten. Indien de ondervraging voor groepen gebeurt, ondervraagt elke groep de kandidaat gedurende ten minste vijftien minuten.
2. Kwotering en de deliberatie
In het totaal worden honderd punten toegekend aan het mondeling gedeelte. De Commissie kan met fracties van punten werken.
In ieder geval wordt voor elke kandidaat gedelibereerd door de Commissie. De deliberatie vindt plaats na de ondervraging van de laatste kandidaat van de dag.
C. GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN
VOOR BEIDE GEDEELTEN
De kandidaten mogen gedrukte wetboeken gebruiken. Deze mogen geen andere documenten bevatten, al dan niet vastgehecht. Evenwel mogen de kandidaten wetteksten of fotokopies aanhechten van recente, nog niet in de wetboeken opgenomen wetswijzigingen. Persoonlijke aantekeningen in de wetboeken zijn niet toegelaten.
Wanneer zij dit nodig vindt, kan de Commissie aan de kandidaten de documentatie en/of het materiaal welke zij nuttig acht ter beschikking stellen.
Indien fraude werd vastgesteld kan de Commissie, na de kandidaat gehoord te hebben, beslissen om deze uit de rangschikking te weren.
D. RANGSCHIKKING VAN DE KANDIDATEN
1. Voorlopige rangschikking
De Commissie stelt slechts na het afsluiten van het mondeling gedeelte, de voorlopige rangschikking op van de kandidaten op basis van de resultaten behaald op het schriftelijk en het mondeling gedeelte.
Het schriftelijk en het mondeling gedeelte tellen in gelijke mate mee voor de berekening van de einduitslag van elke kandidaat en dus voor zijn voorlopige rangschikking.
2. Definitieve rangschikking
Niemand mag kennis nemen van de adviezen die ingewonnen werden door de Minister van Justitie over de kandidaten dan nadat de Commissie de voorlopige rangschikking heeft vastgesteld.
Alvorens de definitieve rangschikking vast te stellen, beslist de Commissie of ze bepaalde kandidaten die opmerkingen hebben geformuleerd, overeenkomstig artikel 39, § 4, van de wet van 25 ventôse jaar XI, zal horen.
Wanneer uit het advies van de procureur des Konings blijkt dat een kandidaat geen blanco-strafregister heeft, of het voorwerp uitmaakt van vervolgingen voor een strafrechtbank, of van een opsporingsonderzoek, of van een gerechtelijk strafonderzoek of van een bemiddeling in strafzaken, zal de Commissie de aard van de overtreding onderzoeken, de datum, het aantal en de weerslag ervan op het uitoefenen van het notarisambt. Na onderzoek van die elementen en het horen van de kandidaat op zijn verzoek, zal de Commissie beslissen over het aantal in mindering te brengen punten, zonder dat de penalisatie vijftig punten overschrijft.
De Commissie mag, bij een zeer gunstig advies van het Adviescomité die advies uitbracht over de kandidaat, een bonificatie toekennen van maximum tien punten. Ze kan, in geval van ongunstig advies van dit Comité maximum twintig punten in mindering brengen op het puntenresultaat van de kandidaat, na het horen van de kandidaat op zijn verzoek.
De definitieve rangschikking volgt ten slotte uit de punten behaald door elke kandidaat, in voorkomend geval aangepast zoals hierboven vermeld.
Gedaan en goedgekeurd te Brussel, op 19 november 2009.
Voor de Nederlandstalige Benoemingscommissie
voor het notariaat :
A. VAN DEN BOSSCHE,
Voorzitter van de Commissie
M. VAN VARENBERGH,
Secretaris van de Commissie

Benoemingscommissies
Beenhouwersstraat 67
1000 Brussel
De Nederlandstalige Benoemingscommissie voor het notariaat is als volgt samengesteld :
Externe leden
Effectief : De heer Eric DURSIN, raadsheer in het hof van beroep te Gent.
Plaatsvervanger : De heer Dirk VAN DER KELEN, voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Dendermonde.
Effectief : De heer Laurent WAELKENS, hoogleraar aan de Faculteit rechtsgeleerdheid van de KULeuven.
Plaatsvervanger : De heer Marc BOES, gewoon hoogleraar aan de faculteit rechtsgeleerdheid van de KULeuven.
Effectief : De heer Patrick MARTENS, advocaat.
Plaatsvervanger : De heer Dominique DESMET, advocaat.
Effectief : Mevr. Myriam VAN VARENBERGH, advocate.
Plaatsvervanger : De heer Bernard BUYSE, gerechtsdeurwaarder in het gerechtelijk arrondissement Brussel.
Notarissen
Effectief : De heer Bruno MARIENS, geassocieerd notaris te Kortenberg.
Plaatsvervanger : De heer Jean-Francis CLAERHOUT, notaris te Gent.
Effectief : De heer Aloïs VAN DEN BOSSCHE, notaris te Vorselaar.
Plaatsvervanger : De heer Yves CLERCX, notaris te Genk.
Effectief : Mevr. Brigitte VERMEERSCH, notaris te Horebeke.
Plaatsvervanger : De heer Alec BENIJTS, notaris te Geel.
Effectief : De heer François-Xavier WILLEMS, geassocieerd notaris te Brugge.
Plaatsvervanger : De heer Xavier DE MAESSCHALCK, geassocieerd notaris te Oostende.
De Franstalige Benoemingscommissie voor het notariaat is als volgt samengesteld :
Externe leden
Effectief : De heer Alain de BRABANT, vrederechter van het kanton Marche-en-Famenne-Durbuy.
Plaatsvervanger : Mevr. Claudia KOHNEN, rechter in de rechtbank van eerste aanleg te Eupen.
Effectief : De heer Hugues FRONVILLE, lector aan de Rechtsfaculteit van de UCL.
Plaatsvervanger : De heer Frédéric GEORGES, hoogleraar aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de « Université de Liège ».
Effectief : De heer Pascal VREBOS, hoogleraar aan het « Institut Cooremans », aan de « Académie des Beaux-Arts », aan het « Conservatoire royal de Bruxelles » en aan de ULB.
Plaatsvervanger : De heer Vincent GIUNTA, advocaat.
Effectief : De heer André CULOT, fiscaal adviseur.
Plaatsvervanger : De heer Marcel-Jean PAQUET, boekhouder-fiscalist.
Notarissen
Effectief : De heer Jean-Luc ANGENOT, notaris te Welkenraedt.
Plaatsvervanger : De heer Renaud LILIEN, notaris te Eupen.
Effectief : De heer Jean-François KOECKX, notaris te Neufchâteau.
Plaatsvervanger : Mevr. Geneviève GIGOT, notaris te Walcourt.
Effectief : De heer Pierre-Henri GRANDJEAN, notaris te Dinant.
Plaatsvervanger : De heer Frédéric JENTGES, notaris te Waver.
Effectief : De heer Vincent COLIN, geassocieerd notaris te Estaimbourg.
Plaatsvervanger : Mevr. Béatrice DELACROIX, geassocieerd notaris te Perwijs.

Bron: Belgisch Staatsblad van 13 januari 2010 blz. 1445.