Algemeen reglementair kader met betrekking tot de regels van de notariële praktijk
(Tekst aangepast aan de beslissingen van de algemene vergadering van de nationale kamer van notarissen: - van 24 oktober 2000 en - van 26 april 2005)

Hoofdstuk III – Regels van toepassing op de betrekkingen tussen notarissen van verschillende genootschappen - Afdeling 3. - Verdeling van het ereloon

Onderafdeling 3. Betaling van het ereloon


Artikel 27. De betaling van het deel ereloon dat aan de mede-optredende notarissen toekomt, gebeurt, voor elke verrichting, binnen de maand volgend op het verlijden van de akte. In geval van betaling na deze termijn wordt het verschuldigde bedrag van rechtswege verhoogd met een vergoeding die prorata temporis berekend wordt op grond van de wettelijke intrestvoet, ten laste van de notaris die het bedrag verschuldigd is.


Commentaar : Dit artikel legt een termijn op voor de betaling van het ereloon dat een notaris aan zijn confrater verschuldigd is, zoals voorzien was in artikel 20 van de voormalige Nationale Traditie.