Onverenigbare betrekkingen met het ambt van notaris

Zie ook: de notaris en het drijven van handel

Het ambt van notaris is onverenigbaar met:

- gerechtelijke ambten (uitgezonderd Plaatsvervangend Vrederechter)

- gerechtsdeurwaarder

- advocaat

- ontvanger van de belastingen

- politiecommissaris

 

2747.com / law / notary / incompatibility

contact

Notarieel recht

 

Artikel 6 Belgische notariswet anno 2006

Het is de notaris verboden :
1° zijn bediening uit te oefenen buiten zijn ambtsgebied, behalve in de in artikel 5, § 2, bedoelde gevallen;
2° een kantoor of een bijkantoor te hebben buiten zijn standplaats, behoudens het geval bedoeld in artikel 52, § 1;
3° zich van een stroman te bedienen voor handelingen die hij niet zelf mag verrichten;
4° in de akten die hij verlijdt, zijn klerken te laten optreden anders dan om zich sterk te maken voor een bepaald persoon of ingevolge een algemene of bijzondere schriftelijke lastgeving;
5° in enigerlei hoedanigheid in te staan of zich borg te stellen voor de leningen die hij gelast is vast te stellen;
6° zelf of door een tussenpersoon handel te drijven;
7° zelf of door een tussenpersoon zaakvoerder, gemachtigd bestuurder of vereffenaar te zijn van een handelsvennootschap of van een nijverheids- of handelsinrichting;
8° zelf of door een tussenpersoon bestuurder te zijn van een handelsvennootschap of van een nijverheids- of handelsonderneming, tenzij hij daartoe vergunning heeft gekregen van de minister van Justitie.
9° op eigen naam of door een tussenpersoon fondsen die hij in bewaring ontvangen heeft, te eigen bate te beleggen;
10° biljetten of schuldbekentenissen te laten ondertekenen, waarin de naam van de schuldeiser oningevuld is gebleven.
De in 7° en 8° vermelde verbodsbepalingen zijn niet van toepassing op de mandaten in verenigingen of instellingen in verband met zijn beroep.

Artikel 7 Belgische notariswet anno 2006

Het ambt van notaris is, behoudens de onverenigbaarheden als bedoeld in het Gerechtelijk Wetboek, de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 en de bijzondere wetten, onverenigbaar met het ambt van ontvanger der directe of indirecte belastingen en het ambt van commissaris van politie.