Koopakte

Hof van Cassatie 11 februari 1999

Overwegende dat luidens artikel 1569 tweede lid van het Gerechtelijk Wetboek de overschrijving van het beslagexploot slechts voor drie jaar geldt, behalve indien zij wordt vernieuwd, en dat het beslag van rechtswege ophoudt enig gevolg te hebben en niet meer wordt vermeld in de hypothecaire getuigschriften, indien de in beslag genomen goederen niet verkocht zijn binnen drie jaar na de overschrijving of na de vernieuwing ervan en indien de formaliteiten, voorgeschreven in artikel 1598 laatste lid van dat wetboek niet vervuld zijn;

Dat genoemd artikel 1598 laatste lid bepaalt dat de hypotheekbewaarder beknopt melding maakt van de toewijzing op de kant van de overschrijving van het beslag;

Overwegende dat uit die bepalingen volgt, enerzijds, dat het beslag effect blijft sorteren en in de hypothecaire getuigschriften vermeld wordt, indien de in beslag genomen goederen verkocht worden binnen de drie jaar te rekenen van de overschrijving of van de vernieuwing ervan, op voorwaarde dat op de kant van de overschrijving beknopt melding is gemaakt van de toewijzing, anderzijds, dat laatstgenoemde vormvereiste, waarvan de vervulling ten laste valt van de hypotheekbewaarder en niet van de beslaglegger afhangt, zelf niet aan een termijn is onderworpen;

Dat bijgevolg het arrest van 10 april 1997 terecht beslit dat de nietigheid van de toewijzing niet hierop kan worden gegerond dat de toewijzing, hoewel ze is gebeurd binnen de drie jaar na de overschrijving van het beslag of na de hernieuwing ervan, pas na het verstrijken van die termijn op de kant van de overschrijving is vermeld;

Dat het middel niet kan worden aangenomen.