Boek 3 - Titel III. Contracten of verbintenissen uit overeenkomst in het algemeen

Hoofdstuk VI. - Bewijs van de verbintenissen en bewijs van de betaling

Afdeling I. - Schriftelijk bewijs : § II. De onderhandse akte
Wettekst anno 2006:

Art. 1325. Onderhandse akten die wederkerige overeenkomsten bevatten, zijn slechts geldig voor zover zij opgemaakt zijn in zoveel originelen als er partijen zijn die een onderscheiden belang hebben.

Eén origineel is voldoende voor allen die hetzelfde belang hebben.

In elk origineel moet vermeld worden hoeveel originelen zijn opgemaakt.

Echter kan het ontbreken van de vermelding dat de originelen in tweevoud, drievoud enz., zijn opgemaakt niet ingeroepen worden door hem die zijnerzijds de overeenkomst heeft uitgevoerd, welke in de akte is vervat.

Commentaar