recht van opstal
Wet van 10 januari 1824
Wettekst anno 2006:

Art. 1
Het regt van opstal is een zakelijk regt om gebouwen, werken of beplantingen op eens anders grond te hebben.

Art. 2

Degene die het regt van opstal heeft kan hetzelve vervreemden en met hypotheek belasten.
   Hij kan de goederen, aan het regt van opstal onderworpen, met erfdienstbaarheden bezwaren, doch alleen voor het tijdvak, gedurende hetwelk hij het genot van dat regt bezit.

Art. 3 
De titel van aankomst van het regt van opstal moet in de daartoe bestemde openbare registers worden overgeschreven.

Art. 4
Het regt van opstal kan voor geenen langeren tijd dan van vijftig jaren worden bepaald, behoudens de bevoegdheid om hetzelve te vernieuwen.

Art. 5
Zoo lang het regt van opstal duurt, kan de grondeigenaar dengenen die dat regt heeft niet beletten de gebouwen en andere werken te sloopen, of de beplantingen te rooijen, en een en ander weg te nemen, mits laatstgemelde den prijs daarvan, tijdens het verkrijgen van het regt van opstal, hebbe voldaan, of wel de gebouwen, werken en beplantingen door hem zelven gesteld of gemaakt zijn; en voorbehoudens dat de grond zal moeten worden hersteld in den staat waarin dezelve zich vóór het opbouwen of beplanten bevond.

Art. 6
   Bij het eindigen van het regt van opstal treedt de grondeigenaar in den eigendom van de gebouwen, werken en beplantingen, onder gehoudenis om de waarde daarvan op dien tijd te betalen aan dengenen die het regt van opstal had, welke laatste het regt van terughouding zal hebben, tot dat die betaling zal voldaan zijn.


Art. 7
Indien het regt van opstal gevestigd is op een grond, waarop zich reeds gebouwen, werken en beplantingen, bevonden, welker waarde door den verkrijger van dat regt niet voldaan is, zal de grondeigenaar, bij het eindigen van het regt van opstal, alle die voorwerpen terug nemen, zonder daarvoor tot eenige schadeloosstelling gehouden te zijn.


Art. 8
De verordeningen van dezen titel zullen alleen van kracht zijn, voor zoo verre daarvan door de overeenkomsten der partijen niet is afgeweken, voorbehoudens echter de bepaling van artikel 4 van deze wet.


Art. 9  
Het regt van opstal, gaat, onder anderen, verloren:
    1° Door vermenging;
    2° Door het te niet gaan van den grond;
    3° Door de verjaring van dertig jaren.

Commentaar