Wetboek van de inkomstenbelastingen - Titel VII. Vestiging en invordering van de belastingen (art. 297 - 463) - Hoofdstuk I. Algemene bepalingen (art. 297 - 304bis): Artikel 301 WIB anno 2006:

Ten name van de in artikel 227, 1° en 3°, vermelde belastingplichtigen wordt de belasting van niet-inwoners met betrekking tot de in artikel 228, § 2, 9°, g en i, vermelde meerwaarden die geen betrekking hebben op in artikel 44, § 2 , vermelde ongebouwde onroerende goederen, gevestigd en ingevorderd door de administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, de registratie en domeinen tegen de tarieven en volgens het onderscheid bepaald in artikel 171, 1°, b en 4°, d en e.

De Koning regelt de uitvoering van dit artikel.

Koninklijk Besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 92

Afdeling VII.- Vestiging en invordering door de administratie van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen, van de belasting van niet-inwoners op meerwaarden op onroerende goederen (Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 301)

Artikel 177 KB WIB anno 2006:

§ 1. Bij overdracht onder bezwarende titel van in België gelegen onroerende goederen of van zakelijke rechten met betrekking tot zulke onroerende goederen, zijn de personen die krachtens artikel 35 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten, verplicht zijn de akte of een verklaring waarbij de overdracht is vastgesteld, ter registratie aan te bieden en de desbetreffende rechten te betalen, verplicht, bij de registratie van die akte of van die verklaring op het in artikel 39 of 40 van dat Wetboek vermelde kantoor, de belasting van niet-inwoners te betalen met betrekking tot de meerwaarde die belastbaar zijn als diverse inkomsten als bedoeld in artikel 228, § 2, 9°, g of i , van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Artikel 5 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten is van toepassing op de belasting van niet-inwoners die bij de registratie van de akte of van de verklaring moet worden betaald.

                § 2. Wanneer § 1 moet worden toegepast, zijn de personen die verplicht zijn tot registratie van de akte of van de verklaring waarbij de overdracht is vastgesteld verplicht, vóór registratie, aan de ontvanger van de registratie een aangifte in tweevoud voor te leggen waarbij kennis wordt gegeven van alle gegevens die nodig zijn voor de berekening van de belasting van niet-inwoners met betrekking tot de verwezenlijkte meerwaarde en eventueel de kosten en uitgaven te verantwoorden die de overdrager vraagt van de overdrachtprijs af te trekken of bij de verkrijgingsprijs te voegen.

                Hangt de in de belasting van niet-inwoners belastbare grondslag geheel of gedeeltelijk af van de waardering van een levenslang recht, dan moet de aangifte de naam, voornamen, woonplaats, geboorteplaats en -datum vermelden van de personen die gezegd levenslang recht genieten.

                Bij overdracht van een gebouwd onroerend goed als bedoeld in artikel 91 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 moet, wanneer de ontvanger van de registratie erom verzoekt, een verklaring de verkoopwaarde vermelden van de los van de grond beschouwde gebouwen.

                ...

                De ontvanger kan de registratie van de akte afhankelijk stellen van de overlegging van een getuigschrift dat uitgaat van de bevoegde ambtenaar van de administratie der directe belastingen en waarbij is vastgesteld dat de overdrager geen belastingplichtige is als vermeld in artikel 227, 1° of 3°, van hetzelfde Wetboek.

                § 3. De belasting van niet-inwoners verschuldigd op meerwaarden die belastbaar zijn als diverse inkomsten als bedoeld in artikel 228, § 2, 9°, g of i, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, wordt overeenkomstig de bepalingen van hetzelfde Wetboek gevestigd en ingevorderd door de administratie der directe belastingen wanneer die belasting, om welke reden ook, niet is betaald ten kantore belast met de registratie van de akte of van de verklaring waarbij de overdracht is vastgesteld, of wanneer het als gezegde belasting aan de ontvanger van de registratie betaalde bedrag lager is dan het verschuldigde bedrag.

                § 4. De bepalingen van titel VII, hoofdstuk VII, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zijn van toepassing op de belasting van niet-inwoners die door de ontvanger van de registratie wordt geheven bij de registratie van een akte of van een verklaring waarbij de overdracht onder bezwarende titel van onroerende goederen of van zakelijke rechten met betrekking tot zulke onroerende goederen is vastgesteld.

------------------
Art. 177 : gewijzigd bij art 11, KB van 20.05.1997.