Hoofdstuk IV. - Bepaalde verkopingen van onroerende goederen
...
Art. 1188. Wanneer onroerende goederen in medeëigendom toebehoren aan afwezigen wier vermoedelijke erfgenamen de voorlopige inbezitstelling verkregen hebben, en aan andere personen, kunnen dezen, indien zij willen verkopen, zich bij verzoekschrift wenden tot de rechtbank van eerste aanleg om daartoe te worden gemachtigd.
  Alvorens te beslissen kan de rechtbank gemelde vermoedelijke erfgenamen horen en, indien zij op dit verzoekschrift gunstig beschikt, wijst zij een notaris aan, die de openbare verkoping zal houden. Deze geschiedt ten overstaan van de vrederechter van het kanton waar de goederen gelegen zijn.