law - sale - deed - 2008 : De Vlaams Belgische koopakte

## (VOOR ALLE GEMEENTE ZONDER PLAN EN VERGUNNINGENREGISTER) De Stad Antwerpen, Dienst voor werken, Afdeling planologie, Dis­trict #, heeft mij schriftelijk medegedeeld dat het pand #straat, nummer #,
#onderworpen is aan een goedgekeurd rooilijnplan;
#gelegen is in een bij besluit van de Vlaamse Executieve erkend herwaarderingsgebied;
#gelegen is in een bij besluit van de Vlaamse Executieve erkend woningbouwgebied en woonvernieuwingsgebied
#en onderworpen is aan de bepalingen van het gewestplan Antwerpen, goedgekeurd bij Koninklijk Be­sluit van drie oktober negentienhonderd negenenzeventig.
Ondergetekende notaris minuuthouder wijst partijen er op dat, voor zoveel hij dit kan nagaan, voor het bij deze verkochte eigendom:
a) geen stedenbouwkundige vergunning werd uitgereikt zoals vermeld in de brief van de Stad Antwerpen. Constructies opgericht voor negenentwintig maart negentienhonderd tweeënzestig of voor de definitieve vaststelling van het gewestplan worden vermoed vergund te zijn.
b) geen dagvaarding werd uitgebracht overeenkomstig artikel 146 of 149 tot en met 151 DORO en dat er hem geen rechterlijke beslissingen bekend zijn in dit verband.
c) geen verplichting rust om herstelmaatregelen uit te voeren ten gevolge van een definitieve rechterlijke beslissing.
Overeenkomstig artikel 162 van gemeld decreet verklaren de kopers voor zover als nodig te verzaken aan de vordering tot nietigverklaring op basis van een inbreuk op de informatieplicht.
Voor de gemeente#stad  ## zijn de informatieverplichtingen opgelegd door de artikelen 137, 141 en 142 van het Decreet houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening, nog niet van toepassing.
Het integrale artikel 99 van het voormelde Decreet van achttien mei negentienhonderd  negenennegentig houdende de organisatie van de Ruimtelijke Ordening vermeldt letterlijk:
§ 1. Niemand mag zonder voorafgaande stedenbouwkundige vergunning :
1° bouwen, op een grond één of meer vaste inrichtingen plaatsen, een bestaande vaste inrichting of bestaand bouwwerk afbreken, herbouwen, verbouwen of uitbreiden, met uitzondering van instandhoudings‑ of onderhoudswerken, die geen betrekking hebben op de stabiliteit ;
2° ontbossen in de zin van het bosdecreet van 13 juni 1990 ;
3° hoogstammige bomen vellen, alleenstaand, in groeps‑ of lijnverband, voorzover ze geen deel uitmaken van een bos in de zin van artikel 3, § 1, van het bosdecreet van 13 juni 1990, of geheel of gedeeltelijk kleine landschapselementen rooien, tenzij ze gelegen zijn in de gebieden die de Vlaamse regering daartoe aanwijst ;
4° het reliëf van de bodem aanmerkelijk wijzigen ;
5° een grond gewoonlijk gebruiken, aanleggen of inrichten voor :
a) het opslaan van gebruikte of afgedankte voertuigen, van allerhande materialen, materieel of afval ;
b) het parkeren van voertuigen, wagens of aanhangwagens ;
c) het plaatsen van één of meer verplaatsbare inrichtingen die voor bewoning kunnen worden gebruikt, zoals woonwagens, kampeerwagens, afgedankte voertuigen, tenten ;
d) het plaatsen van één of meer verplaatsbare inrichtingen of rollend materieel die hoofdzakelijk voor publicitaire doeleinden worden gebruikt ;
6° het geheel of gedeeltelijk wijzigen van de hoofdfunctie van een onroerend bebouwd goed met het oog op een nieuwe functie, voorzover deze functiewijziging voorkomt op een door de Vlaamse regering op te stellen lijst van de vergunningsplichtige functiewijzigingen ;
7° in een gebouw het aantal woongelegenheden wijzigen die bestemd zijn voor de huisvesting van een gezin of een alleenstaande, ongeacht of het gaat om een eensgezinswoning, een etagewoning, een flatgebouw, een studio of een al dan niet gemeubileerde kamer ;
8° publiciteitsinrichtingen of uithangborden plaatsen of wijzigen ;
9° recreatieve terreinen aanleggen of wijzigen, waaronder een golfterrein, een voetbalterrein, een tennisveld, een zwembad.
Onder bouwen en plaatsen van vaste inrichtingen, zoals bedoeld in het eerste lid, 1°, wordt verstaan het oprichten van een gebouw of een constructie of het plaatsen van een inrichting, zelfs uit niet‑duurzame materialen, in de grond ingebouwd, aan de grond bevestigd of op de grond steunend omwille van de stabiliteit, en bestemd om ter plaatse te blijven staan, ook al kan het ook uit elkaar worden genomen, verplaatst of is het volledig ondergronds. Dit behelst ook het functioneel samenbrengen van materialen waardoor een vaste inrichting of constructie ontstaat, en het aanbrengen van verhardingen.
Onder instandhoudings‑ of onderhoudswerken die geen betrekking hebben op de stabiliteit, worden werken verstaan die het gebruik van het gebouw voor de toekomst ongewijzigd veilig stellen door het bijwerken, herstellen of vervangen van geërodeerde of versleten materialen of onderdelen.
Als hoogstammige boom zoals bedoeld in het eerste lid, 3°, wordt beschouwd elke boom die op een hoogte van 1 meter boven het maaiveld een stamomtrek van 1 meter heeft.
Als aanmerkelijke reliëfwijziging zoals bedoeld in het eerste lid, 4°, wordt onder meer beschouwd elke aanvulling, ophoging, uitgraving of uitdieping die de aard of functie van het terrein wijzigt.
Onverminderd het eerste lid, 5°, c, is geen stedenbouwkundige vergunning vereist voor het kamperen met verplaatsbare inrichtingen op een kampeerterrein in de zin van het decreet van 3 maart 1993 houdende het statuut van de terreinen voor openluchtrecreatieve verblijven.
§ 2. De Vlaamse regering kan de lijst vaststellen van de werken, handelingen en wijzigingen waarvoor, wegens hun aard en/of omvang, in afwijking van § 1, geen stedenbouwkundige vergunning vereist is.
§ 3. Een provinciale en een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening kunnen de vergunningsplichtige werken, handelingen en wijzigingen, genoemd in § 1, aanvullen. Ze kunnen ook voor de met toepassing van § 2 van vergunning vrijgestelde werken en handelingen de stedenbouwkundige vergunningsplicht invoeren."
#(enkel volgende 2 paragrafen indien gemeld decreet niet aanwezig is in de overeenkomst) Aangezien de onderhandse akte tussen partijen, die deze verkoopakte voorafgaat, niet beantwoordt aan de voorschriften van artikel 141 van het voormelde Decreet, wijst ondergetekende notaris minuuthouder de partijen op artikel 162 van dit decreet, dat de kopers toelaat de verkoop door de Rechtbank te laten vernietigen wegens inbreuk op de informatieplicht met betrekking tot de publiciteit en de onderhandse overeenkomst.
De kopers verklaren overeenkomstig het tweede lid van zelfde artikel 162 dergelijke vordering tot vernietiging niet meer te willen inroepen.  De kopers verklaren uitdrukkelijk te verzaken aan de vordering tot nietigverklaring op basis van een inbreuk op de informatieplicht.
#indien grond wordt verkocht die geen bouwgrond is:
a) Voorschreven perceel wordt verkocht als grond en niet als bouwgrond.  De werkende notaris wijst de koper erop dat er geen enkele zekerheid kan worden gegeven dat op het gekochte enige vaste of verplaatsbare inrichting die voor bewoning kan worden gebruikt, zou mogen opgericht worden.
Voor het geval toelating tot bouwen zou verleend worden zullen de "kopers" zich moeten gedragen naar alle voor­schriften der bevoegde overheden, zonder ooit de tus­sen­komst of verantwoordelijkheid der "verkopers", van onderge­tekende notaris of meetkundige te kunnen inroepen wegens verlies of onbruikbaarheid van grond, bezwarende voorwaar­den in de bouwtoelating noch uit welken anderen hoofde het ook moge wezen.  #Geen bouwwerk noch enige vaste of verplaatsbare inrichting die voor bewoning kan worden gebruikt, mag worden opgericht op het goed waarop de akte bettrekking heeft, zolang de bouwvergunning niet is verkregen.
b) De verkopers verklaren dat er geen bouwvergunning werd afgeleverd en dat ook geen stedenbouwkundig attest werd bekomen dat laat voorzien dat een dergelijke vergunning zou kunnen worden verkregen en dat er dientengevolge, zoals hoger reeds voor­meld, geen verze­kering kan gegeven worden omtrent de moge­lijkheid om op het goed te bouwen of daarop enige vaste of verplaatsbare inrichting op te stellen die voor bewoning kan worden gebruikt.
Monumenten en stads‑ en dorpsgezichten
De verkopers verklaren uitdrukkelijk dat het goed, voorwerp van tegenwoordige akte geen monument, stads‑ of dorpsge­zicht is zoals bedoeld door het decreet van drie maart negentienhonderd zes en zeventig tot bescherming van monu­menten, stads‑ of dorpsgezichten, en dat het goed niet voorkomt op een voorontwerp of ontwerp van lijst van de voor bescherming vatbare monumenten, stads‑ en dorpsgezich­ten, noch op een register van beschermde monumenten, stads‑ en dorpsgezichten.
Heffing op leegstand en verkrotting van gebouwen en woningen:
De verkoper verklaart dat het verkochte goed niet op de inventaris inzake de heffing op leegstand en verkrotting van gebouwen en woningen staat.
De verkoper verklaart dat hij evenmin door een administratieve akte gewaarschuwd werd dat het verkochte goed, behoudens gegronde betwisting, op de inventaris zal worden geplaatst.