Directe belastingen >> Wetgeving >> Wetboek van de inkomstenbelastingen 92 >> WIB 92 - aanslagjaar 2008 (inkomsten 2007)
 Titel III - Vennootschapsbelasting: Hoofdstuk II - Grondslag van de belasting

Afdeling II Belastinggrondslag

Artikel 185

§ 1. Vennootschappen zijn belastbaar op het totale bedrag van de winst, uitgekeerde dividenden inbegrepen.

§ 2. Onverminderd het tweede lid, voor twee vennootschappen die deel uitmaken van een multinationale groep van verbonden vennootschappen en met betrekking tot hun grensoverschrijdende onderlinge relaties :

a) indien tussen de twee vennootschappen in hun handelsbetrekkingen of financiële betrekkingen, voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke vennootschappen, mag winst die één van de vennootschappen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald, maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald, worden begrepen in de winst van die vennootschap;

b) indien in de winst van een vennootschap winst is opgenomen die eveneens is opgenomen in de winst van een andere vennootschap, en de aldus opgenomen winst bestaat uit winst die deze andere vennootschap zou hebben behaald indien tussen de twee vennootschappen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als tussen onafhankelijke vennootschappen zouden zijn overeengekomen, wordt de winst van de eerstbedoelde vennootschap op passende wijze herzien.

Het eerste lid vindt toepassing bij voorafgaande beslissing onverminderd de toepassing van het Verdrag ter afschaffing van dubbele belasting in geval van winstcorrecties tussen verbonden ondernemingen (90/436) van 23 juli 1990 en de internationale overeenkomsten ter voorkoming van dubbele belasting.

 

----------------------------------------
Art. 185 :
   

    *
      art. 185 is van toepassing met ingang van 19.07.2004. (Art. 2, W 21.06.2004) B.S. 09.07.2004
         
    *
      art. 185 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992. (Art. 98, WIB Art. 100, WIB Art. 102, WIB art. 1, KB 10.04.1992) B.S. 30.07.1992
        

Com.IB 92:     185

 

Artikel 185bis


    § 1. In afwijking van artikel 185 zijn de beleggingsvennootschappen bedoeld in de artikelen 14, 19, 24, 99, 106 en 119 van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles, alsmede de organismen voor de financiering van pensioenen bedoeld in artikel 8 van de wet van 27 oktober 2006 betreffende het toezicht op de instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, slechts belastbaar op het totaal van de ontvangen abnormale of goedgunstige voordelen en van de niet als beroepskosten aftrekbare uitgaven en kosten andere dan waardeverminderingen en minderwaarden op aandelen, onverminderd evenwel het feit dat zij de in artikel 219 bedoelde bijzondere bijdrage verschuldigd zijn.

    § 2. Wat de in § 1 bedoelde vennootschappen en organismen betreft, zijn de bepalingen van de artikelen 202 tot 205 en 285 tot 289 en van artikel 123 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, niet van toepassing.

    § 3. De paragrafen 1 en 2 zijn niet van toepassing voor het belastbaar tijdperk waarin een private privak bedoeld in artikel 119 van de wet van 20 juli 2004, de volgende bepalingen niet naleeft :

    1° de in het artikel 192, § 3, bedoelde bepaling;

    2° een of meer statutaire regels die volgen uit het specifiek karakter van deze vennootschap als instelling voor collectieve belegging.

    Voor de toepassing van het eerste lid worden de onder het in de §§ 1 en 2 bedoelde regime voordien gevormde reserves beschouwd als :

    1° belaste reserves in de mate dat de private privak bewijst dat zij voortkomen van gerealiseerde meerwaarden of ontvangen dividenden van beleggingen bedoeld in artikel 192, § 3, 1° et 2°;

    2° vrijgestelde reserves voor het saldo en in zoverre het bedrag van die reserves op een of meer afzonderlijke rekeningen van het passief geboekt is en blijft en niet tot grondslag dient voor de berekening van de jaarlijkse dotatie aan de wettelijke reserve of van enige beloning of toekenning;

    3° winst van dat belastbare tijdperk indien en in zoverre de voorwaarden van het 2° niet langer worden nageleefd.

    De reserves bedoeld in het tweede lid, 2°, worden bovendien beschouwd als winst van het belastbaar tijdperk waarin de vennootschappen bedoeld in artikel 119 van de wet van 20 juli 2004 worden geschrapt van de lijst van de private privaks bedoeld in artikel 123, § 1, van deze wet, onverminderd de toepassing van artikel 210, § 1, 5°.

    De FOD Financiën kan de vennootschap schrappen van de lijst van de private privaks bedoeld in artikel 123, § 1, van de wet van 20 juli 2004 in de gevallen bepaald door de Koning of in geval van overtreding van statutaire regels bepaald door de Koning. De FOD Financiën deelt de schrapping mee door middel van een aangetekende brief geadresseerd aan de zetel van de vennootschap. Een beroep tegen een beslissing tot schrapping is mogelijk volgens de gemeenrechtelijke procedure van beroep in administratieve zaken.

----------------------------------------
Art. 185bis :
   

    * art. 185bis is van toepassing met ingang van 01.01.2007. (Art. 320, W 27.12.2006) B.S. 28.12.2006 [Voor de toepassing van de fiscale bepalingen worden de instellingen voor collectieve beleggingen waarop de overgangsbepalingen van de wet van 20.07.2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles van toepassing zijn, geacht vanaf 01.01.2007 onder het toepassingsgebied te vallen van de bepaling die overeenkomstig hun statuut gebruikt wordt in het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.].

Artikel 186


    Wanneer een vennootschap op enige wijze eigen aandelen verkrijgt, wordt als uitgekeerd dividend aangemerkt het positieve verschil tussen de verkrijgingsprijs of, bij ontstentenis daarvan, de waarde van die aandelen, en het gedeelte van het gerevaloriseerde gestorte kapitaal dat de verkregen aandelen vertegenwoordigen.

    In geval de aandelen vóór de ontbinding of de invereffeningstelling van de vennootschap worden verkregen onder de voorwaarden gesteld in de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen, is het eerste lid slechts van toepassing :

    1° wanneer op de verkregen aandelen waardeverminderingen worden geboekt ;

    2° wanneer de aandelen worden vervreemd ;

    3° wanneer de aandelen worden vernietigd of van rechtswege nietig worden ;

    4° en uiterlijk bij de ontbinding of de invereffeningstelling van de vennootschap.

    In een geval als vermeld in het tweede lid, 1°, is het eerste lid alleen van toepassing tot het bedrag van de geboekte waardeverminderingen.

    In een geval als vermeld in het tweede lid, 2°, is het eerste lid alleen van toepassing tot het mindere verschil tussen de verkoopprijs en de verkrijgingsprijs of de waarde van de aandelen.

    In een geval als vermeld in het tweede lid, 2°, 3° en 4°, wordt het dividend in voorkomend geval verminderd met de in 1° van dat lid bedoelde reeds belaste waardeverminderingen.


----------------------------------------
Art. 186 :
   

    *
      art. 186 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992. (Art. 103, WIB Art. 1, KB 10.04.1992) B.S. 30.07.1992

Com.IB 92:     186

 

Artikel 187


    Wanneer het maatschappelijk vermogen van een vennootschap gedeeltelijk wordt verdeeld ten gevolge van overlijden, uittreding of uitsluiting van een vennoot wordt als een uitgekeerd dividend aangemerkt het positieve verschil tussen de uitkeringen of toekenningen in geld, in effecten of in enige andere vorm aan de belanghebbende of zijn rechthebbenden en zijn aandeel in de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal.


----------------------------------------
Art. 187 :
   

    *
      art. 187 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992. (Art. 103, WIB Art. 1, KB 10.04.1992) B.S. 30.07.1992

 

Artikel 188


    In geval van toepassing van de artikelen 186 en 187 wordt het gestorte kapitaal verminderd met het deel daarvan dat door de verkregen aandelen wordt vertegenwoordigd of met het aandeel in het kapitaal van de overleden, uitgetreden of uitgesloten vennoot.

    Opneming van winst van het boekjaar of van gereserveerde winst die reeds aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, blijft buiten aanmerking bij het bepalen van de belastbare winst tot het bedrag van de in het vorige lid vermelde vermindering die geen aanleiding heeft gegeven tot een werkelijke vermindering van het kapitaal.


----------------------------------------
Art. 188 :
   

    *
      art. 188 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992. (Art. 103, WIB Art. 122, WIB Art. 1, KB 10.04.1992) B.S. 30.07.1992

 

Artikel 189


    § 1. In coöperatieve verbruiksverenigingen worden als winst aangemerkt de restorno's en voordelen die zijn verleend :

    1° aan vennoten, voor zover restorno's en voordelen voortkomen uit door de belanghebbenden niet zelf gedane aankopen ;

    2° aan niet-vennoten.

    § 2. Als coöperatieve verbruiksvereniging wordt aangemerkt die welke rechtstreeks aan de verbruikers verkoopt.

    De voordelen bestaan inzonderheid uit het mindere verschil tussen de verkoopprijs en de aankoopprijs, verhoogd met het evenredig aandeel der algemene kosten.

    Vennoten zijn uitsluitend leden die volledige maatschappelijke rechten hebben.

    De restorno's en voordelen worden ten name van de coöperatieve vereniging belast en worden bepaald zonder dat rekening wordt gehouden met de algemene uitslag van de onderneming.


----------------------------------------
Art. 189 :
   

    *
      art. 189 is van toepassing met ingang van het aanslagjaar 1992. (Art. 104, WIB Art. 1, KB 10.04.1992) B.S. 30.07.1992

Com.IB 92:     189

 

Afdeling III

Vrijgestelde inkomsten