KB van 11 januari 1940 betreffende de uitvoering van het Wetboek der Registratie-, Hypotheek- en Griffierechten


Dit KB is regelmatig gewijzigd. Thans worden ook door de regio's wijzigingen aangebracht.

Het Wetboek van registratierechten zelf (2006) dateert van 1939 en is ook veelvuldig gewijzigd.

 

2747.com / law / recht

contact

Publiekrecht Burgerlijk recht

 

Art. 1
   De ontvangers der registratierechten sluiten dag aan dag de voor de registratie der akten bestemde registers af.

Art. 2-2bis Betaling van het registratierecht

Art. 3 Het maximum kadastraal inkomen, dat bedoeld wordt in artikel 53 van het Wetboek der Registratierechten, wordt vastgesteld op 323 EUR, wanneer de verkrijging slechts gronden bevat.

Art. 4  Wanneer de verkrijging tot voorwerp heeft hetzij een gebouwd onroerend goed, hetzij tegelijk een gebouwd onroerend goed en gronden, wordt het maximum kadastraal inkomen, dat bedoeld is in voormeld artikel 53, op 745 EUR vastgesteld.
  
Wanneer de verkrijging een onroerend goed tot voorwerp heeft dat geheel of gedeeltelijk tot bewoning is bestemd, wordt het door voorgaande lid vastgestelde bedrag verhoogd, met 100 EUR indien de verkrijger of zijn echtgenoot drie of vier kinderen ten laste hebben, met 200 EUR indien zij er vijf of zes ten laste hebben en met 300 EUR indien zij er zeven of meer ten laste hebben, op de datum van de akte van verkrijging. De kinderen ten laste die voor tenminste 66 % getroffen zijn door ontoereikendheid of vermindering van lichamelijke of geestelijke geschiktheid wegens één of meer aandoeningen, worden voor twee kinderen ten laste geteld.
   Worden beschouwd als kinderen ten laste, in de zin van het tweede lid, de kinderen die deel uitmaken van het gezin van de verkrijger op de datum van de akte van verkrijging en die, gedurende het kalenderjaar dat deze datum voorafgaat, persoonlijk geen bestaansmiddelen hebben genoten waarvan het nettobedrag, bepaald overeenkomstig de artikelen 83 en 85 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen, hoger is dan in artikel 82, § 1 van hetzelfde wetboek beoogde netto-bedrag.
   De in voormeld artikel 53 voorziene verlaging van registratierecht is slechts van toepassing op de in de verkrijging begrepen gronden, indien het totaal van de kadastrale inkomens van deze gronden niet meer bedraagt dan 323 EUR.
  

Art. 5
  Als aanhorigheid voor de toepassing van de artikelen 53, 2° en 57 van het Wetboek der registratierechten wordt beschouwd, elk gebouwd of ongebouwd onroerend goed dat volgens zijn aard, zijn ligging, zijn oppervlakte en zijn waarde een normale bijhorigheid vormt, al naar het geval, hetzij van het huis of de verdieping of het gedeelte van verdieping verkregen onder het stelsel van artikel 53, 2°, hetzij van de woning op te richten op de onder het stelsel van artikel 57 aangekochte grond.

Art. 7
   Indien de verkrijger of zijn echtgenoot reeds de geheelheid of een onverdeeld deel van één of meer onroerende goederen in volle of in blote eigendom bezitten en deze goederen of de verkregen goederen een gebouwd eigendom bevatten, dan mag, voor de toepassing van artikel 54 van het Wetboek der registratierechten, het gecumuleerd kadastraal inkomen van deze laatste en van de eerste niet meer bedragen dan [het maximum kadastraal inkomen vastgesteld overeenkomstig lid 1 of lid 2 van artikel 4 van dit besluit en volgens het aldaar gemaakte onderscheid.
   In geen geval, is de in artikel 53 van voormeld wetboek voorziene verlaging van registratierecht toepasselijk op de gronden die begrepen zijn in de nieuwe verkrijging, indien hun kadastraal inkomen gevoegd bij dit van de gronden welke de verkrijger of zijn echtgenoot reeds bezaten, meer bedraagt dan 323 EUR.
   De vorige leden zijn toepasselijk onverminderd de in artikel 54, tweede lid, tweede zin, van voormeld wetboek voorziene afwijking.

Art. 8
   In het geval dat voorzien wordt door artikel 57 van het Wetboek der registratierechten, wordt het maximum inkomen van het gebouwd onroerend goed en van zijn aanhorigheden vastgesteld overeenkomstig het eerste of het tweede lid van artikel 4 van dit besluit en volgens het aldaar gemaakte onderscheid, waarbij echter de datum waarop het kadastraal inkomen is vastgesteld na voltooiing van het gebouw in de plaats treedt van de datum van de akte van verkrijging.

Art. 9 Beroepverklaring

Art. 10
   Het door artikel 184 van het Wetboek der registratierechten voorgeschreven bericht wordt overgemaakt, bij aangetekende brief, aan de directeur der registratie en domeinen binnen wiens ambtsgebied het onroerend goed gelegen is.
   Het bevat, behoudens naam, voornamen, beroep en adres van degene van wie het bericht uitgaat, volgende aanduidingen:
   naam, voornamen, beroep en adres, of benaming of firma en maatschappelijke zetel, van de contracterende partijen, ligging en afmetingen van de scheidsmuur die het voorwerp van de overeenkomst uitmaakt, prijs en lasten van de afstand en datum daarvan.


Art. 11 - Art. 12
De vermindering van de proportionele boeten: Vlaanderen

 

2747.com / law / recht

contact

Publiekrecht Burgerlijk recht