| In het oude wetboek van Koophandel zijn
anno 2006 nog enkele bepalingen te vinden inzake het huwelijkscontract van handelaars. Op te merken valt dat wanneer een van de echtgenoten een vennootschap bezit die handel drijft deze bepalingen niet van toepassing zijn. |
| Handelsrecht | Huwelijksvermogensrecht Bewijsrecht |
15 december 1872: Wet houdende Titels I tot IV van Boek I van het Wetboek van Koophandel anno 2006:
Art. 12
Van ieder huwelijkscontract tussen echtgenoten waarvan er één koopman is, wordt binnen
een maand na de dagtekening een uittreksel gezonden aan de griffie
van elke rechtbank binnen welker rechtsgebied de handeldrijvende echtgenoot in het
handelsregister ingeschreven is. De uittreksels worden overeenkomstig de wet van
30 april 1929 in boeken samengebonden.
Hetzelfde geldt voor de akten houdende wijziging van het huwelijksvermogensstelsel
van de echtgenoten binnen drie maanden na de homologatiebeslissing en voor akten
houdende wijziging van het huwelijksvermogensstelsel als bedoeld in artikel 1394, vierde
lid, van het Burgelijk Wetboek binnen drie maanden na het opstellen van deze akte.
Het uittreksel vermeldt of de echtgenoten in gemeenschap gehuwd zijn, met opgave van de
afwijkingen van het wettelijk stelsel, dan wel of zij een ander stelsel hebben aangenomen.
Bedingen in het huwelijkscontract of in de akte houdende wijziging van het
huwelijksvermogensstelsel die tot doel hebben af te wijken van de regels van de verdeling
bij helften van het gemeenschappelijk vermogen, hoeven niet te worden vermeld.
Van de boeken waarin de uittreksels zijn bijeengebracht, alsook van de steekkaarten bij de
wet van 30 april 1929 voorgeschreven, wordt aan ieder die erom verzoekt zonder kosten
inzage verleend.
Art. 13
De notaris voor wie het huwelijkscontract of de akte houdende wijziging van het
huwelijksvermogensstelsel] is verleden, is gehouden de bij het vorige artikel
voorgeschreven toezending te doen, op straffe van geldboete van zesentwintig euro tot
honderd euro en zelfs van ontzetting uit zijn ambt en van aansprakelijkheid jegens de
schuldeisers, wanneer bewezen is dat het verzuim het gevolg is van heimelijke
verstandhouding.
Art. 14
Elke echtgenoot die gehuwd is onder een ander stelsel dan het wettelijke, en na
zijn huwelijk koopman wordt, of een nieuw handelsbedrijf begint, is gehouden
dezelfde toezending te doen aan de griffie van de rechtbank binnen welker rechtsgebied hij
een opgave voor de inschrijving in het handelsregister doet, bij gebreke waarvan hij, in
geval van faillissement, kan worden gestraft als schuldig aan eenvoudige bankbreuk.
Art. 15
Elk vonnis of arrest waarbij de echtscheiding wordt toegestaan of de
scheiding van tafel en bed of van goederen wordt uitgesproken tussen de echtgenoten van
wie er ten minste een koopman is, wordt door hen neergelegd ter griffie van de
rechtbank van koophandel in het rechtsgebied waarvan een der echtgenoten of beide
echtgenoten zijn ingeschreven in het handelsregister; bij gebreke daarvan kunnen
de schuldeisers daartegen verzet doen voor wat hun belangen raakt en opkomen tegen iedere
vereffening die erop gevolgd mocht zijn.