16/01/2004 | Decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging (B.S., 10 februari 2004 (tweede uitg.))

Art. 15 Decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging

§ 1. De manieren van lijkbezorging zijn: begraven, verstrooien of bewaren van de as na crematie, of op de wijze en volgens de nadere regels bepaald door de Vlaamse regering.

Elkeen kan tijdens zijn leven vrijwillig een schriftelijke kennisgeving van zijn laatste wilsbeschikking overmaken aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van zijn gemeente. Die laatste wilsbeschikking kan handelen over de wijze van lijkbezorging, de asbestemming, evenals over het ritueel van de levensbeschouwing voor de uitvaartplechtigheid.

Deze laatste wilsbeschikking wordt gelijkgesteld met de aanvraag tot toestemming tot crematie als bedoeld in artikel 20, § 1, of met de akte, bedoeld in artikel 20, § 2.

Indien het overlijden in een andere gemeente van het Vlaamse Gewest dan die van de hoofdverblijfplaats heeft plaatsgehad, moet de gemeente van de hoofdverblijfplaats zonder verwijl op aanvraag van de gemeente waarin het overlijden heeft plaatsgehad, informatie betreffende de in het tweede lid bedoelde laatste wilsbeschikking overzenden.

§ 2. Levenloos geboren kinderen die de wettelijke levensvatbaarheidgrens nog niet hebben bereikt, worden na een zwangerschapsduur van ten volle 12 weken op verzoek van de ouders begraven of gecremeerd. De Vlaamse regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot het begraven en cremeren van levenloos geboren kinderen.

– besluit van de vlaamse regering van 24 februari 2006 tot vaststelling van de wijzen van lijkbezorging, de asbestemming en de rituelen van de levensbeschouwing voor de uitvaartplechtigheid die kunnen opgenomen worden in de schriftelijke kennisgeving van de laatste wilsbeschikking die aan de ambtenaar van de burgerlijke stand kan overgemaakt worden

 

2747.com / law / recht

contact

Publiekrecht Burgerlijk recht

 

 

2747.com / law / recht

contact

Publiekrecht Burgerlijk recht