Vlaamse Decreet van 16 april 1996 betreffende de landschapszorg

Hoofdstuk II. De beschermingsprocedure

Art. 7 (anno 2006):

§ 1. Het besluit tot voorlopig bescherming en het dossier dat een inhoudelijke beschrijving en evaluatie bevat, worden gelijktijdig bij ter post aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs:
    1° voor advies voorgelegd aan de [gewestelijke diensten], bevoegd voor ruimtelijke ordening, landinrichting, economie, natuurbehoud, landbouw, waterbeheer en infrastructuur en aan de betrokken gemeente(n) en provincie(s). Deze adviezen worden binnen zestig dagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte [op de post of van het ontvangstbewijs], uitgebracht; zoniet worden ze geacht gunstig te zijn;
    2° bij de betrokken gemeentebesturen neergelegd voor het openen van een openbaar onderzoek en het opstellen van een proces-verbaal waarin de opmerkingen en bezwaren worden opgenomen. Een bericht omtrent het openbaar onderzoek wordt aangeplakt bij de toegangswegen van het landschap zoals aangeduid op het plan.

   Het openbaar onderzoek gaat in uiterlijk veertien dagen na de afgifte ter post van de betekening en duurt dertig dagen. Tijdens het openbaar onderzoek zal het besluit tot voorlopige bescherming en het dossier ter inzage liggen bij de betrokken gemeente(n). Bij het verstrijken van de termijn wordt het openbaar onderzoek door de gemeente(n) afgesloten. Binnen vijftien dagen na het afsluiten zenden zij hun proces-verbaal over aan het agentschap.
   Bij ontstentenis van een binnen de voorgeschreven termijn geopend openbaar onderzoek kan de gouverneur van de betrokken provincie dit onderzoek organiseren. In dit geval gaat de termijn van het openbaar onderzoek in uiterlijk vijftien dagen [na het bericht hierover van het agentschap.

§ 2. Het agentschap brengt het besluit tot voorlopige bescherming bij aangetekend schrijven ter kennis aan de eigenaars, erfpachthouders, opstalhouders en vruchtgebruikers zoals bekend bij de Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen op de datum van het ontwerp. Zij kunnen hun opmerkingen en bezwaren indienen bij het agentschap binnen een termijn van dertig dagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte ter post.
   Gedurende deze termijn ligt het dossier ter inzage op het agentschap.

§ 3. De personen die overeenkomstig § 2 in kennis werden gesteld van het besluit tot voorlopige bescherming, geven bij ter post aangetekende brief kennis aan de huurders of bewoners, pachters of gebruikers, van het besluit tot voorlopige bescherming dat hun betekend werd, binnen tien dagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte ter post van de betekening, op straffe van aansprakelijkheid voor het herstel, de schadeloosstelling en sanctionering zoals bepaald in artikel 20 van dit decreet.

§ 4. De personen die overeenkomstig § 2 in kennis werden gesteld, geven bij ter post aangetekende brief kennis van de eventuele gewijzigde eigendomstoestand aan [het agentschap], binnen tien dagen, te rekenen vanaf de datum van de afgifte ter post, op straffe van aansprakelijkheid voor het herstel, de schadeloosstelling en sanctionering zoals bepaald in [artikel 41] van dit decreet. De nieuwe eigenaars, erfpachthouders, opstalhouders en vruchtgebruikers krijgen op hun beurt een kennisgeving overeenkomstig § 2.

§ 5. Bij overdracht of toewijzing van een onroerend goed of van een op een onroerend goed betrekking hebbend zakelijk recht, gelegen in een voorlopig beschermd landschap, moet de instrumenterende ambtenaar in de overdrachtsakte of toewijzingsakte vermelden dat bedoeld onroerend goed binnen een voorlopig beschermd landschap ligt en de eventuele overdracht meedelen aan de administratie.
   De overdrachts- of toewijzingsakte vermeldt alle maatregelen en richtlijnen die door of krachtens dit decreet worden opgelegd met het oog op de instandhouding en het onderhoud van landschappen, met inbegrip van de erfdienstbaarheden van openbaar nut en van de beperkingen op de uitoefening van de eigendoms- en gebruiksrechten die van toepassing zijn op het onroerend goed.

§ 6. Het besluit tot voorlopige bescherming als landschap of tot opheffing daarvan wordt bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.

§ 7. Na afloop van de in § 1, § 2, § 3 en § 4 van dit artikel bepaalde procedure wordt het dossier aan de Commissie voor een met redenen omkleed advies overgezonden.